Categorie: Christendom

Wat wij kunnen leren van het coronavirus in Italië

Door Julio Loredo (in quarantaine in Milaan, Italië)

Wanneer toekomstige historici de enorme crisis die door het coronavirus is ontstaan bestuderen, zullen ze veel vragen stellen, waarvan sommige misschien al beantwoord zijn. Te midden van de crisis van vandaag, met Italië nog steeds in quarantaine, moeten we het doen met de vragen, die niet weinig of onbeduidend zijn.

De coronacrisis brengt veel tegenstrijdigheden en tekortkomingen van onze moderne wereld aan het licht, die lang op de achtergrond zijn gebleven, begraven door het heersende optimisme. Misschien moeten we, gebruikmakend van de extra tijd die ons ter beschikking staat, deze vragen nu aan de orde stellen en proberen er enkele lessen uit te trekken.

Lees ook: 6 manieren waarop klimaatideologen misbruik maken van de coronacrisis

De kwetsbaarheid van de moderne wereld

De eerste vraag betreft de kwetsbaarheid van de moderne wereld. Het is werkelijk verbazingwekkend hoe zo een klein en zelfs microscopisch wezen een wereld op de knieën kan krijgen die er prat op gaat solide, krachtig en duurzaam te zijn. De economie is tot stilstand gekomen nu de beurzen kelderen. Winkels zijn gesloten, vluchten geannuleerd en wegen verlaten. We zien dat evenementen worden uitgesteld, dat sportactiviteiten worden verboden en dat de grenzen worden gesloten.

Vroeger dachten we dat dit soort dingen alleen konden gebeuren als gevolg van een wereldoorlog of een buitengewone natuurramp. Nu zien we echter dat dit niet het geval is. De boosdoener is een piepklein wezen van een paar micron groot. Het verstoorde ons leven en verbrijzelde de mythe van de stabiliteit van de wereld.

Dit is een grote eerste les als we willen luisteren naar de tekenen van de tijd.

Onze-Lieve-Vrouw sprak in Fatima over een reeks plagen die zouden vallen op de zondige mensheid, gevolgd door een algemene bekering en het daaruit voortvloeiende herstel van de christelijke beschaving. Velen hebben geen acht geslagen op haar woorden, niet vanwege een doctrinair bezwaar, maar vanwege de overtuiging – meer pragmatisch dan intellectueel – dat deze wereld eeuwig zou duren. Ze geloofden dat ze er ongestoord van konden blijven genieten. De coronacrisis leert ons echter dat zaken kunnen veranderen en zelfs snel. We kunnen niets als vanzelfsprekend beschouwen. Deze stand van zaken is niet eeuwig. Alles kan verdwijnen, alleen God is eeuwig.

Lees ook: Het coronavirus is een oproep om terug te keren naar God

Van crimineel tot held: de Chinese transformatie…

De tweede vraag betreft deze Chinese manoeuvres in de crisis. De komende jaren zullen historici het moeilijk vinden om uit te leggen hoe China het coronavirusverhaal zo heeft gemanipuleerd dat het zich in een paar weken tijd van een crimineel tot een held heeft getransformeerd.

De epidemie begon in China, waar ze zich verspreidde door de extreme verwaarlozing en arrogantie van de communistische regering in Peking. Het eerste teken van de epidemie was een uitbraak van bronchitis in Wuhan op 17 november 2019. De geïnfecteerden hadden één ding gemeen: ze bezochten de open veemarkt van de stad. Reeds op 15 december hebben Drs. Ai Fen en Li Wenliang alarm geslagen over een voortwoekerende epidemie. Op 30 december werd Dr. Wenliang gearresteerd voor het “verspreiden van vals nieuws”. Op 7 januari publiceerde de Wall Street Journal een rapport over de uitbraak. De regering in Peking reageerde door haar journalisten uit te zetten. De autoriteiten verboden ook verdere berichten onder zeer strenge straffen. Nu de epidemie niet meer onder controle is, heeft president Xi Jinping pas op 30 januari een openbare verklaring afgelegd. Drie dagen later heeft hij de noodtoestand afgekondigd.

Als China eind november snel had gereageerd door de betreffende markt in Wuhan af te sluiten, zou er vandaag waarschijnlijk geen epidemie zijn. De echte boosdoener is China. Er rijzen twee onderling verweven vragen: waarom heeft China zo gehandeld? Waarom beschuldigt niemand China van onrechtvaardigheid?

Lees ook: het beste medicijn tegen corona-angst

Het antwoord op de eerste vraag wordt verklaard door de totalitaire mentaliteit die eigen is aan het communisme. Dergelijke regimes reageren altijd met het geheimhouden van alles wat hun imago zou kunnen schaden. Dit gebeurde in 1986 met de Tsjernobyl-ramp, en met de Koersk-onderzeeërramp in 2000. Deze mentaliteit verklaart echter niet alles.

Een andere factor is de terughoudendheid om de Chinese economie, waarvan de helft van de wereld nu afhankelijk is, te verstoren. De wereldmachten gaven er de voorkeur aan om de Chinese locomotief draaiende te houden, zelfs met het risico op een pandemie. Een zekere kapitalistische mentaliteit sluit aan bij de fouten van de communistische mentaliteit. Deze medeplichtigheid helpt de tweede vraag te beantwoorden: de reden waarom de Chinezen niet kunnen worden aangesproken of beschuldigd is dat ze zelf het mes in de handen hebben.

Een van de grote raadsels van onze tijd – een echt mysterie van onrechtvaardigheid – is hoe het Westen, dat prat gaat op zijn democratische en liberale karakter, zich zo dienstbaar heeft onderworpen aan een dictatoriale regering die wordt gedomineerd door een communistische partij. Om geld te verdienen steekt het Westen bewust en vrijwillig de kop in de guillotine. Kan het een wonder zijn dat de beul nu aan de hendel trekt?

In de loop van haar tweeduizend jaar durende geschiedenis heeft de Kerk in Italië te maken gehad met vele vreselijke epidemieën, zoals de pest van Rome in 590 of die van Milaan in 1578 en 1630. De Bruid van Christus reageerde altijd met een bovennatuurlijke geest, bleef dicht bij de gelovigen, bemoedigde hen in gebed en boetedoening en vermenigvuldigde hun toegang tot de sacramenten. Grote heiligen zoals de heilige Charles Borromeo keerden uit Lodi terug naar Milaan terwijl de burgerlijke autoriteiten op de vlucht waren. De heilige Aloysius Gonzaga koos ervoor bij de zieken in het Romeinse College te blijven en het heldhaftige gebaar met zijn leven te betalen. In tijden van plagen was het de overheersende opvatting van de Kerk om haar zorg voor de zielen nieuw leven in te blazen.

Voor het eerst in haar geschiedenis heeft de Italiaanse kerkelijke hiërarchie – op enkele opmerkelijke uitzonderingen na – de gelovigen in de steek gelaten door hen te beroven van geestelijke steun. De bisschoppen legden de communie voor het eerst in de hand en namen alle heilig water weg. Daarna hebben ze alle missen en religieuze ceremonies, inclusief begrafenissen, tegengehouden. Alle kerken werden onmiddellijk gesloten. Elke overtreding van de regels kan leiden tot de gevangenneming van de “rebelse” priester. Velen gaven aan dat het erger was dan in de Sovjettijd.

Als de gezondheidsnorm is om de afstand tussen de mensen te bewaren om te voorkomen dat ze elkaar aanraken, waarom vieren we dan geen missen met de gelovigen die over de hele kerk verspreid zijn? Zou het aantal missen niet vermenigvuldigd kunnen worden om de gelovigen de hele dag door op deze manier aanwezig te laten zijn? Kunnen de missen niet worden gevierd op het openbare plein, waarbij de gelovigen rustig buiten worden opgesteld en de nodige veiligheidsafstanden in acht worden genomen? Niets van dit alles lijkt te zijn overwogen. In plaats daarvan hebben de bisschoppen ervoor gekozen de gelovigen de sacramenten te ontnemen op het moment dat ze die het hardst nodig hebben.

Riccardi raakt dit punt aan in het hierboven geciteerde artikel: “Het is prima om drukke missen te vermijden. Het is echter niet duidelijk waarom aanbidding en gebeden verboden zijn, als ze in veiligheid worden beoefend. Misschien begrijpen niet alle besluitvormers de speciale betekenis van de mis voor gelovigen, waarvan de oude martelaren zeiden: “Sine Dominicum non possumus” (We kunnen niet zonder de zondag). Deze keer is de Kerk volledig ingestort, zoals Fabio Adernò aangeeft in een artikel op de blog van Vaticaans-expert Marco Tossati: “De beperkingen van de christelijke eredienst die de veranderende gebeurtenissen in de geschiedenis in bepaalde omstandigheden met zich meebrengen, zijn door de Kerk altijd geleden in de vorm van vervolging en martelaarschap, en nooit bewust gekozen met een relativistische of volgzaamheidsgeest”. Simpel gezegd, wat de vijanden van de Kerk vroeger deden, doet nu de hiërarchie.

Zeker, van Caesar kan niet worden verlangd dat hij de redenen van God begrijpt. Maar we kunnen en moeten wel van de bisschoppen eisen dat ze de superieure redenen van God bevestigen, in plaats van zich schaamteloos voor Caesar te buigen.

Na een week van toepassing van deze normen is de situatie enigszins veranderd. Naar aanleiding van een openlijke aanbeveling van Paus Franciscus (die eerder iets heel anders had gezegd) hebben sommige Italiaanse bisdommen, waaronder Rome, nieuwe normen uitgevaardigd die de opening van kerken aan het oordeel van de parochiepriester overlaten. Deze norm geldt alleen voor parochiale kerken. Er wordt geen melding gemaakt van missen of sacramenten. Het lijkt erop dat de hiërarchie heeft geluisterd, althans gedeeltelijk, naar de roep van het volk. De geestelijkheid moet echter de leidersrol op zich nemen en niet de gelovigen. Riccardo Cascioli heeft gelijk als hij schrijft: “De kerkelijke hiërarchie is in een staat van mentale verwarring”.

Laten we nog een laatste punt aansnijden. Afgezien van het oordeel of deze pandemie kan worden geïnterpreteerd als een goddelijke straf, blijft het voor de hand liggend dat het een uitstekende gelegenheid zou zijn om te prediken, vooral omdat het een vastenperiode is waarin we ons moeten concentreren op het vreselijke maar verlossende lijden van Onze-Lieve-Heer Jezus Christus. De epidemie heeft duidelijk veel gewetens door elkaar geschud, die meestal overweldigd worden door het verlangen om van het leven te genieten. De mensen staan veel meer open voor hemelse overwegingen, wat mogelijkheden biedt voor de zuiverende tussenkomst van de goddelijke genade. In dit geval is het stilzwijgen van de hiërarchie echter tragisch. Zonder hun bedoelingen te beoordelen, zien we een gebrek aan een bovennatuurlijke gerichtheid die werkelijk verontrustend is. Op enkele uitzonderingen na zwijgen ze, terwijl ze des te meer zouden moeten spreken.

Dit waren enkele vragen – de meeste onbeantwoord – die worden opgeroepen door de situatie die is ontstaan door de verspreiding van dit vreemde wezen, niet groter dan 50 duizendste van een millimeter, dat ons leven op zijn kop zet.

Het coronavirus is een oproep om terug te keren naar God

Door John Horvat II

Onze reactie op het coronavirus toont de crisis van onze seculiere goddeloze maatschappij.

Het probleem is niet het virus, hoe dodelijk het ook is. Deze uitbraak is een biologisch feit, zoals zovelen die de mensheid door de eeuwen heen hebben geteisterd.

Een virus is weliswaar apolitiek, maar kan ook politieke gevolgen hebben. Veel vluchtiger dan het coronavirus is de angst ervoor. Deze angst gooit de wereld overhoop. In die zin is de reactie op het coronavirus uiterst politiek en seculier. Het weerspiegelt een samenleving die God de rug heeft toegekeerd. We worden geconfronteerd met de crisis, alleen vertrouwend op onszelf en onze eigen middelen.

De mens staat er alleen voor

Inderdaad, de aanpak van de coronacrisis accepteert geen hulp van buitenaf. God heeft geen betekenis of functie binnen alle inspanningen om het uit te roeien. In plaats van God zijn de immense bevoegdheden van de overheid gemobiliseerd om elk aspect van het leven te controleren om de verspreiding ervan te voorkomen. De machtige arm van de wetenschap spant zich aan om een vaccin te vinden. De financiële en technologische wereld wordt ingezet om de rampzalige gevolgen van de crisis te verzachten.

Hoewel alle menselijke inspanningen moeten worden gebruikt om de problemen op te lossen, hebben ze niet de gewenste resultaten opgeleverd. De huidige pogingen hebben onze gigantisch mateloze samenleving, die verslaafd is aan onmiddellijke oplossingen met een druk op de knop, teleurgesteld. De wereld is gedwongen op slot te gaan zonder dat er een duidelijk zicht is op het einde van de crisis.

Daarom is het zo angstaanjagend. Er zijn maar weinig verzachtende instellingen zoals de Kerk om haar behandeling humaan en draaglijk te maken. We staan er alleen voor om dit grote gevaar onder ogen te zien. Het kleine virus isoleert en vervreemdt zijn slachtoffers en haalt ze uit de maatschappij. In veel gevallen is het het individu tegen de staat. Technici in gaspakken behandelen mannen en vrouwen alsof ze zelf het virus zijn. In het totalitaire China en op andere plaatsen maken ambtenaren gebruik van bruut geweld om de naleving van drastische richtlijnen af te dwingen.

Lees ook: Het beste medicijn tegen corona-angst

Geen behoefte meer aan God

Een virus is ook areligieus. Dat belet echter niet dat het een religieuze dimensie heeft. Het coronavirus komt op een moment dat de meesten in de samenleving het gevoel hebben dat ze God niet nodig hebben. Daarvoor is God al lang vervangen door brood en spelen. De moderne geneugten wijzen erop dat de hemel niet nodig is. De postmoderne ondeugden verkondigen geen angst voor de hel.

En toch heeft het coronavirus het griezelige vermogen om onze materiële paradijzen in een hel te veranderen. Het cruiseschip, het symbool van alle aardse geneugten, werd een besmette gevangenis voor passagiers die er alles aan deden om eruit te komen. Degenen die van sport hun god hebben gemaakt, vinden nu lege stadions en afgelaste toernooien. Degenen die van geld houden vinden nu gedecimeerde portefeuilles en in quarantaine geplaatste arbeidskrachten. De aanbidders van het onderwijs kijken naar hun lege scholen en universiteiten. De aanhangers van het consumentisme zien de lege schappen in de supermarkten. De wereld die we aanbaden stort in elkaar. De dingen waar we op konden bogen, liggen nu in puin.

Een kleine microbe heeft de afgodsbeelden die ooit zo stabiel, krachtig en duurzaam werden geacht, omvergeworpen. Het heeft hun aanbidders op hun knieën gebracht. En we staan er nog steeds op dat we God niet nodig hebben. We zullen triljoenen dollars uitgeven in de vergeefse hoop onze gebroken afgodsbeelden te aan elkaar te lijmen.

Het verbannen van God

Eén aspect van de coronacrisis is echter nog erger. Het is al erg genoeg dat God wordt vervangen of genegeerd. We zijn nog een stap verder gegaan. God is verbannen van het toneel. Het is Hem verboden te handelen.

Onder de draconische maatregelen die zijn verordend, verbieden overheidsfunctionarissen de openbare eredienst. In Italië hebben ze Missen verboden, de communie en de biecht gestopt. De Kerk en haar heilige sacramenten worden beschouwd als een gelegenheid tot besmetting, die niet anders wordt behandeld dan een sportevenement of een muziekconcert.

Op hun beurt drijven de media de spot met de Kerk door te beweren dat zelfs God in zelf-quarantaine is.

Lees ook: 6 manieren waarop klimaatideologen misbruik maken van de coronacrisis

Een geloofscrisis

Helaas zijn sommige Kerkelijke functionarissen maar al te graag bereid om zich aan dergelijke maatregelen te houden. Ze beroven de gelovigen van de sacramenten op het moment dat ze die het hardst nodig hebben. Ze gaan verder dan wat ambtenaren vragen, zelfs tot het punt dat ze de vonten van hun wijwater legen en vervangen door ontsmettingsmiddelen. Ze ontmoedigen het toedienen van de laatste sacramenten.

Zelfs wonderen zijn niet toegestaan. De Kerkbestuurders hebben eenzijdig de wonderbaarlijke geneeskrachtige baden in Lourdes, Frankrijk, gesloten! Die wonderbaarlijke wateren hebben waarschijnlijk elke ziekte genezen die de mensheid kent. Is dit coronavirus nog dodelijker?

Dat is de toestand van ons geloof in crisis.

De oplossing ligt in een nieuwe opleving van het geloof

Sommigen zouden er bezwaar tegen kunnen maken dat het nemen van een niet-seculiere houding ten opzichte van het virus een geloofssprong vereist. Maar we moeten ons afvragen wat de grootste geloofssprong is – vertrouwen in de Heilige Moederkerk of in de koude handen van een staat die zich al had laten zien niet in staat te zijn de problemen van de samenleving op te lossen.

We hebben alle reden om God in vertrouwen te nemen. Het probleem is dat we toestaan dat ambtenaren de Kerk behandelen alsof ze niets weet over het genezen van lichamen en zielen. Ze zijn gemakshalve vergeten dat de Kerk een moeder is. Ze heeft in de Middeleeuwen de eerste ziekenhuizen ter wereld opgericht. De fundamenten van de moderne geneeskunde zijn geworteld in haar zorg voor de zieken. Ze behandelde elke patiënt als Christus zelf. Zo stuurt de Kerk bevelen van priesters, monniken en zusters om gratis gezondheidszorg te verlenen aan de armen en zieken over de hele wereld. Door de eeuwen heen, te midden van plagen en de pest, vinden we de Kerk in hun midden, in dienst van de geïnfecteerden, ondanks de grote gevaren.

Bovenal zorgde de Kerk voor de zielen van de lijdende zieken. Ze troostte, verzachtte en zalfde de getroffenen. Ze onderhoudt talloze heiligdommen, zoals Lourdes, waar de pelgrims voor hun geloof worden beloond met gemoedsrust, genezing en wonderen.

In tijden van plagen kunnen de gebeden van hele gemeenschappen oprijzen om God te vragen een zondige samenleving te hulp te komen die zijn barmhartigheid zo hard nodig heeft. De geschiedenis getuigt van het feit dat deze gebeden vaak werden verhoord.

Wanneer de Kerk handelt zoals zij zou moeten doen, voorkomt zij dat crises zoals het coronavirus onmenselijk en overweldigend worden. Als een moeder biedt zij troost en hoop in momenten van duisternis. Ze herinnert ons eraan dat we niet alleen zijn en altijd een beroep moeten doen op God. Het heeft geen zin om God te verbannen uit de strijd tegen het coronavirus.

Zich tot God wenden

Inderdaad, de coronaviruscrisis zou een oproep moeten zijn om onze goddeloze maatschappij te verwerpen.

Deze crisis dreigt verder te gaan dan de gezondheidscrisis en de Amerikaanse economie ten val te brengen. We moeten ons daarom afvragen waarom God wordt vervangen, genegeerd en verbannen. Het is tijd om ons tot God te wenden, die ons als enige van deze ramp kan redden.

Zich tot God wenden betekent niet dat we een symbolisch gebed of een processie moeten houden in de hoop terug te keren naar een leven van zonde en onmatige genoegens. In plaats daarvan moet het bestaan uit oprecht gebed, opoffering en boetedoening, zoals Onze-Lieve-Vrouw in Fatima in 1917 heeft gevraagd.

De wending naar God veronderstelt een wijziging van het leven ten opzichte van een wereld die de wet van God haat en de vernietiging ervan in de weg staat. Het betekent handelen zoals de Kerk altijd heeft gedaan, met gezond verstand, wijsheid, naastenliefde, maar vooral geloof en vertrouwen. Al deze Kerkelijke geneesmiddelen, vol troost en genezing, liggen binnen het bereik van de gelovigen.

Als we ons tot God wenden, betekent dat niet dat we de rol van de overheid bij het omgaan met noodsituaties op het gebied van de volksgezondheid ontkennen. Maar geloof moet een belangrijk onderdeel zijn van elke oplossing. God is met ons. We moeten vertrouwen hebben in het Allerheiligst Sacrament, de werkelijke tegenwoordigheid van God in de wereld en de God die ons heeft geschapen. We moeten onze toevlucht nemen tot de Moeder Gods, de Heilige Maagd Maria, de Genezer van de Zieken en de Moeder van Genade.

Het beste medicijn tegen corona-angst

Door John Horvat II

Het coronavirus domineert het wereldnieuws en veroorzaakt een hysterie die in de moderne tijd zelden voorkomt. Terwijl het virus nog niet zijn volledige woede heeft getoond, is de reactie erop totaal onmatig. Er vinden twee spektakels plaats: het coronavirus zelf en de angst ervoor. Op dit punt is de laatste het meest destructief.

Mensen zijn doodsbang voor het virus omdat het hen introduceert in een onbekende wereld. Het is een mysterieuze ziekte uit een ver totalitair land. Iedereen wantrouwt de gegevens die uit China komen. De zeer besmettelijke en onvoorspelbare aard van het virus draagt bij aan de veralgemeende angst. De mediahype en de beelden vermenigvuldigen de impact van de ziekte door de sensatiezucht met betrekking tot verspreiding van het virus.

Zo woedt de angst voor het coronavirus over de hele wereld. Het heeft economieën vertraagd, triljoenen dollars in de aandelenkoersen doen verdampen, kerkdiensten afgelast en steden verlamd. Het bepaalt de politieke agenda van wereldleiders die voor een enorme uitdaging staan vanwege deze besmettingen.

Een echte bedreiging

Natuurlijk brengt het coronavirus reële risico’s met zich mee. We zien dat het uiterste wordt gevraagd van onze gezondheidszorg. Er moeten redelijke maatregelen worden genomen. Zoals ook in het geval van griep, worden mensen ziek en overlijden ze (de laatste vijf jaar stierven per jaar gemiddeld 6.460 mensen door de griep). Vooral mensen met een zwak immuunsysteem zijn kwetsbaar. De slachtoffers ervan zijn meestal kwetsbare mensen met reeds bestaande aandoeningen.

Twee factoren maken deze dreiging echter anders en angstaanjagender dan de griepgevallen die jaarlijks duizenden mensen het leven kosten. De eerste is dat het snel en zonder onderscheid des persoon kan toeslaan. De tweede is dat er geen vaccins tegen zijn. Zo voelen mensen zich in het algemeen machteloos tegenover een piepklein virus dat een fragiele en onderling verbonden wereld op de knieën dwingt.

De oorzaken van de angst

Niemand houdt ervan om het te zeggen, maar wat de angst voor het virus teweegbrengt is de Hobbesiaanse angst voor de dood die de moderne geest zo achtervolgt. Elke persoon ziet in een coronavirus de dood, zijn of haar mogelijke dood. Deze paranoïde angst veroorzaakt dat velen eisen om alle mogelijke middelen in te zetten tegen deze dreiging, zelfs als deze buitensporig lijken. Dit wanhopige drama schept omstandigheden waarin mensen zelfs rechten en vrijheden opgeven om het virus maar niet te krijgen.

De angst wordt veroorzaakt door een samenleving waarin het genieten van het leven de hoogste waarde heeft. Daarom moet de volledige macht van het medisch establishment met zoveel passie worden gemobiliseerd. Alles moet worden gedaan om het leven van degenen die nog steeds genieten van het leven en weinig nadenken over het hiernamaals te verlengen.

Toch wordt niet al het leven in de hedendaagse hedonistische cultuur evenveel gewaardeerd. Dezelfde medische instellingen die nu vechten voor de behandeling van coronavirusslachtoffers doden tegelijk dagelijks duizenden levens, door middel van abortus en euthanasie, zodat anderen zich kunnen bevrijden van hun verantwoordelijkheden en kunnen “genieten” van het leven.

Leven in ontkenning

De angst voor het coronavirus verklaart waarom er zoveel hype is rond dit onderwerp. In een cultuur die houdt van plezier, overweldigen en verpletteren levensbedreigende virussen de geest van mensen die niet gewend zijn aan het denken over dood en lijden. Mensen zoeken naar een manier om aan deze onaangename realiteit te ontsnappen.

Om te voorkomen dat er diepgaand over het virus wordt nagedacht, omringen mensen het met lawaai en onrust, in de hoop dat het lawaai het virus wegjaagt. Om snelle oplossingen voor het probleem te vinden, eisen ze luidkeels dat er dringend actie wordt ondernomen, ook al gaat het in tegen het gezond verstand. In hun hulpeloosheid vullen ze zich met wrok en woede en geven ze anderen de schuld van hun ongeluk.

De angst regeert in dergelijke omstandigheden. De mensen zullen alles doen om te voorkomen dat ze de crisis alleen moeten trotseren, in alle ernst. Het festival van de hype doet alles versmelten in een hectische onmatigheid van collectieve ontkenning.

Het medicijn voor deze angst

Er is een remedie. Het gaat erom de realiteit met alle objectiviteit onder ogen te zien. Mensen moeten niet overreageren en de gevaren niet minimaliseren. Ze moeten het virus onder ogen zien, rustig en met gezond verstand, gebruik makend van de standaard middelen waarmee sterke griepgevallen worden bestreden.

Deze angst kan alleen overwonnen worden door mensen die verder durven denken dan de geneugten van het leven. Tragedie nodigt mensen uit om na te denken over menselijke sterfelijkheid en onvoorziene gebeurtenissen. In de stilte van de reflectie vinden mensen betekenis en doel voor hun lijden. Ze vinden de moed om effectief te handelen, de realiteit te omarmen, niet te ontkennen.

Bovenal leidt tragedie ertoe dat mensen vertrouwen hebben in God en zijn Voorzienigheid. De beperkingen van een zuiver seculiere samenleving worden bij dit soort tragedies zichtbaar gemaakt. De mensheid wordt aan haar lot overgelaten en vindt ze jammerlijk ontoereikend. In de loop van de geschiedenis hebben de gelovigen, wanneer zij geconfronteerd worden met beproevingen, hun toevlucht genomen tot God en hebben zij troost en hulp gevonden. Daarom heeft de Kerk altijd zo’n grote rol gespeeld in tijden van rampspoed. In plaats van de kerkdiensten te verbieden, zouden de autoriteiten de kerk moeten aanmoedigen om meer kerkdiensten te beleggen. Dit vertrouwen is de enige zekere genezing voor de verstikkende angst die de wereld teistert.

Andreas Kinneging: indrukwekkende kritiek op moderne cultuur

Weinig boeken die zo dik en geleerd zijn als De onzichtbare Maat van prof. Andreas Kinneging zijn zo gemakkelijk samen te vatten: het traditionele Westerse denken, synthese van christendom en klassiek erfgoed, is vrijwel geheel verdrongen door de immorele en onmatige tendenzen van Verlichting en Romantiek. Vandaar onze huidige problemen.

Of in de woorden van de auteur zelf: ‘Als men erbij stilstaat is het eigenlijk een onvoorstelbare gebeurtenis: in onze tijd lijkt een einde te zijn gekomen aan een periode van ongeveer 2500 jaar. Wij leven als eersten in een volstrekt nieuw tijdperk, dat niet langer is gebaseerd op het denken van de Grieken – in het bijzonder Plato en Aristoteles – en het Christendom, maar volledig is gebaseerd op de geest en de waarden van de Verlichting en de Romantiek. Een tijdperk waarvan wereldbeeld en waarden in overwegende mate het tegendeel zijn van het wereldbeeld en de waarden die door de eeuwen heen altijd het menselijk bestaan in Europa hebben bepaald.’

Nominalisme

Het traditionele denken neemt als vanzelfsprekend aan dat de werkelijkheid een voorgegeven structuur heeft. De mens maakt daar onderdeel van uit en dient zich daarom naar die structuur te voegen. Daar is hij voor gemaakt. Deugden zijn goede eigenschappen – deels aangeboren, deels te verwerven – die hem daar naartoe sturen. Ondeugden doen het tegenovergestelde: zij ontregelen hem, maar vervolgens ook de gemeenschap waartoe die mens behoort. Deugdzame mensen versterken de gemeenschap, slechte mensen ondermijnen en ontregelen die. Waar is het fout gegaan? Zoals zovelen voor hem ziet Kinneging een wissel omgaan met het nominalisme, een nieuwe wijsgerige benadering van de werkelijkheid die omstreeks 1300 voet aan de grond kreeg met de filosoof Willem van Ockam.

Realisme

Om uit te leggen wat het nominalisme is, moet je het op de spits drijven. We noemen een Deense Dog een ‘hond’, maar een chihuahua ook. De onderliggende gedachte is dat we met de aanduiding ‘hond’ iets wezenlijks in beide dieren benoemen, geestelijk iets ‘reëels’ te pakken hebben wat honden tot honden maakt. Een ‘soort’ is een realiteit. Vandaar dat we deze filosofische zienswijze ‘realisme’ noemen. Extreem realisme zoals van Plato stelt zelfs dat – buiten het hier en nu – een ideale hond moet bestaan, waar alle honden deel aan hebben en waar zij hun gedeelde essentie aan ontlenen.

Etiketten

Een extreme nominalist zal daarentegen zeggen dat de aanduiding ‘hond’ niet meer dan een flatus vocis is, een ‘ademtocht van de stem’, een voorlopige benaming of etiket dat we er van buitenaf opplakken, maar dat het ons geen werkelijke greep op de werkelijkheid geeft omdat die uit afzonderlijke concrete verschijnselen bestaat. Als het etiket ‘hond’ toch zinvol blijkt, is dat slechts een ervaringsgegeven. Onze voortschrijdende kennis is als het ware niet meer dan een zich uitbreidende catalogus van etiketten en relaties daartussen, die ons steeds beter in staat stelt de werkelijkheid effectief te manipuleren.

Natuur, Orde, Maat

Dat heeft verregaande gevolgen voor de wijze waarop de toch al tot hoogmoed geneigde mens zichzelf ziet. Want, zoals Kinneging uitlegt, als er alleen maar individuele en concrete dingen bestaan en kennelijk geen onveranderlijke algemeenheden, kun je ook niet meer van ‘Zijn’ spreken. Dan is “de werkelijkheid een flux, een voortdurend Worden. De dingen hebben dus geen het individu overstijgende, vaste natuur. En men kan ook niet spreken van een kosmische orde, waarin al die naturen op een bepaalde manier onderling gerangschikt zijn, of van een Maat in al die dingen. Maar als er in de dingen geen vaste Natuur, Orde en Maat ligt, dan is de individuele mens zelf de Maat van alle dingen. Hij bepaalt het zelf en hoeft daarbij naar niets of niemand te luisteren en niets of niemand te gehoorzamen.” Die uiterste consequentie zien we vandaag bijvoorbeeld in het ontkennen van het wezenlijk verschil tussen man en vrouw, wat slechts ‘etiketten’ zouden zijn op een biologische uiterlijkheid.

Abstractie

De nominalist stelt zich dus relativistisch op ten opzichte van onze werkelijk kennen van de werkelijkheid. Simpel gezegd is het nominalisme er niet eens in geïnteresseerd of kennis waar is, maar of die effectief is. Alleen die ‘kennis’ mag blijven, de rest mag overboord. Dit contrasteert scherp met het gematigd realisme van de middeleeuwse scholastiek, die ervan uitging dat het menselijk begrip door bemiddeling van de zintuigen in staat is het wezen van dingen (het algemeen hond-achtige) daaraan te onttrekken (Latijn: abstrahere vandaar ‘abstractie’) en daarmee tot vorming van algemene begrippen te komen die ons wezenlijk vat geven op de werkelijkheid.

Protestantisme

Het nominalisme doorbrak dus het filosofisch realisme, niet alleen het extreme van Plato, maar ook het meer gematigde van diens leerling Aristoteles (die van Kinneging nogal wat vegen uit de pan krijgt) en zelfs het uitgebalanceerde en gematigde realisme van de middeleeuwse scholastiek bij Sint Thomas Aquino. Overgezet naar godsdienstig gebied is het protestantisme eerder een uitvloeisel van het nominalisme. Luther was een bewonderaar van Ockam, en had een diepe afkeer van Aristoteles. Hij relativeerde de kerkelijke traditie weg als ‘onzuivere ballast’, en stelde het gezag van de H. Schrift (maar dan zoals Luther het opvatte) centraal als enige waarheidsbron, die behalve in de volkstaal juist in die tijd ook in de oorspronkelijke talen van Grieks en Hebreeuws opnieuw beschikbaar kwam, geholpen door de nieuwe boekdrukkunst.

Ommezwaai

De ‘Verlichting’ was het volgende stadium. De menselijke ratio werd nog meer alleenzaligmakend verklaard, maar bij Kant – de invloedrijkste vertegenwoordiger van het verlichte denken – ook meteen weer gerelativeerd: ware kennis van de dingen was niet mogelijk, alleen maar in zoverre als ze zich aan ons voordoen. Het subjectieve ‘ik’, en niet de objectieve werkelijkheid, is dus de doorslaggevende factor bij het kennen. Daarin zit de ommezwaai naar de Romantiek al ingebakken, die bij Kants volgeling Fichte zijn beslag krijgt. Kinneging noemt de Romantiek een ‘tweede revolutie’, die de onvoldaanheid over de rationalistische ‘eerste revolutie’ van de Verlichting moest wegnemen. De Romantiek is daar dus zowel een verzet tegen als een voortzetting van.

‘Nutsmaximalisator’

Nam het denken vóór nominalisme en Verlichting nog aan dat het menselijk leven zijn zin ontleent aan zijn inbedding in de grote betekenisvolle structuur van de Schepping, daarna was het hiermee afgelopen. De werkelijkheid was geen schepping meer. Zij werd een ‘bruut feit’ zonder intrinsieke doelgerichtheid. Losgemaakt uit die structuur en na het verlies van zijn christelijke geloof telt voor de moderne mens alleen nog de bevrediging van zijn behoeftes. Hij wordt een ‘nutsmaximalisator’. Aan de onvoldaanheid die daaruit voortkomt, probeert de Romantiek tegemoet te komen, door niet de consumptiebehoeften van het ‘ik’ op de voorgrond te stellen, maar de diepere behoeften en vragen die het ‘ik’ omtrent zichzelf heeft.

Metafysische geborgenheid

Dit leidt ertoe dat de oververzadigde, maar onbevredigde moderne mens op een eindeloze zoektocht is gegaan naar zijn ‘ware ik’. Maar die zoektocht was al een misverstand voor hij begonnen was, aldus Kinneging. Hij is een gevolg van het uit het oog verliezen van de ‘onzichtbare Maat’ in de werkelijkheid, van de orde die daarin gelegen is, en waarin de mens uitgenodigd is zich te voegen. Alleen de erkenning van die maat en orde geeft de mens de metafysische geborgenheid die hij zoekt. Voor zover dat op aarde mogelijk is. Zijn definitieve rust vindt de mens slechts bij zijn Schepper. In de beroemde woorden van Sint Augustinus: ‘Onrustig is ons hart, totdat het rust vindt in U.’

Zelfontplooiing

Eigenlijk zien we de geschiedenis van Adam en Eva zich dus voor onze ogen opnieuw afspelen. Waarom werden zij verdreven uit het Paradijs? De slang verleidde hen met Verlichting en Romantiek: met de dubbele verleiding van behoeftebevrediging en ontdekking van hun zogenaamde ware bestemming. Het eten van de heerlijke appel zou Adam en Eva immers niet alleen een groot genot geven, het zou hen ook tot volledige zelfontplooiing brengen en hen in kennis gelijk maken aan God. Het liep, zoals bekend, even anders. Zo is ook de moderne mens speelbal geworden van de inzichten en verlangens die Verlichting en Romantiek hem met verdringing van alle anderen inplanten. Juist de Traditie die ons de ware toedracht over onszelf onthult, hebben we aan de kant geschoven. Met alle kennis en cultuur, aldus Kinneging, waarmee de christelijke traditie zich vanaf de start verrijkt heeft.

Begeerlijkheid en hoogmoed

De analyse die Kinneging in De onzichtbare Maat voorlegt, heeft tal van raakvlakken met die van dr. Plinio Corrêa de Oliveira, de grondlegger van de internationale katholieke beweging Tradition, Family, Property (TFP), waarvan de campagne Cultuur onder Vuur een uitloper is. In zijn Revolutie en Contra-revolutie beschrijft dr. Plinio de moderne geschiedenis als een opeenvolging van revoluties (in wezen steeds weer dezelfde revolutie) die de mens stapsgewijs heeft weggeleid van de katholieke waarheid zoals die zich in de Middeleeuwen intellectueel ontplooide, maar al snel bedreigd werd. Net als Kinneging prikt dr. Plinio door de revolutionaire principes van gelijkheid en vrijheid heen en ontwaart begeerlijkheid en hoogmoed als de werkelijke motors.

Uitzaaiingen

De ‘eerste revolutie’ van renaissance, humanisme en protestantse reformatie dreef meteen al een eerste diepe wig in de eenheid van het Westen. De ‘tweede revolutie’ was de Franse revolutie: een uitvloeisel van de Verlichting. De ‘derde revolutie’, de modernste, ergste en bloedigste van al, is de communistische revolutie. Allereerst de Russische van 1917, gevolgd door al zijn uitzaaiingen, waartoe in zekere zin ook de culturele revolutie van 1968 hoort die tot het huidige cultuurmarxisme heeft geleid.

Volle pond

Cultuur onder Vuur vindt het betoog van prof. Andreas Kinneging van grote waarde en betekenis. De onzichtbare Maat is een warm pleidooi voor de christelijke traditie en cultuur van het Westen, waaraan grote behoefte bestaat. De betekenis van het christendom als drijvende kracht, die het klassieke erfgoed niet alleen gedragen heeft en nog steeds draagt, maar dat ook tot verdere bloei en ontwikkeling brengt, krijgt het volle pond. Tegelijk echter wordt hier een intrinsieke zwakte in het betoog voelbaar. Kinneging constateert het historische feit dat het christendom die rol speelt en prijst het daarom.

Historiciteit

Maar niet meer dan dat. Hij omhelst het niet, althans niet als een gelovige. Integendeel, hij trekt de historiciteit van het christendom in twijfel, hoewel hij zelf opmerkt: “Er zijn meer dan 5700 Griekse manuscripten van het Nieuwe Testament bewaard gebleven, veel en veel meer dan van welke andere tekst uit de Oudheid ook.” Hij verbindt daaraan echter geen conclusie. Integendeel, hij benadrukt dat de oudste handschriften van ver na Christus dateren (wat overigens vooral een academisch idée reçue is waarop veel valt af te dingen) zonder daarbij bijvoorbeeld het onderzoek van Richard Bauckham te betrekken naar de betrouwbaarheid van mondelinge overlevering.

Islam

Het christendom is in Kinnegings betoog zeker de ladder waarlangs de Westerse beschaving zo hoog heeft kunnen klimmen als zij gedaan heeft. Het bevreemdt dan als een inconsequentie dat hij die ladder bij nader inzien als vermolmd en onbetrouwbaar (in de zin van: mogelijk onwaar) afdoet. Het doet denken aan de positie van Roger Scruton, die stelde dat je de beschaving nu eenmaal niet kunt redden met ‘tweedehands opvattingen’, dus met waarheidsclaims waaraan je zelf niet echt geloof hecht, maar die je historisch bewondert omdat je er het weldadige effect of de rijke cultuur zo van waardeert. Direct daarmee verband houdt Kinnegings jammerlijke inschatting van de islamitische cultuur als een mogelijke bondgenoot van de Traditie en blijkbaar niet inziet dat de islam een revolutionaire doctrine is. Het is tenenkrommend wanneer Kinneging het heeft over mensen die “begrijpen dat Islam en de Europese Traditie in veel opzichten sterk op elkaar lijken, aan elkaar verwant zijn.” Voor die mensen ligt de zaak volgens Kinneging duidelijk: “Wij zien de Islam als een bondgenoot tegen de Moderniteit.”

Permanente deconstructie

Kinneging glijdt hier pijnlijk uit over de intellectuele bananenschil die de islam al voor zoveel westerlingen is geweest. De schijnbare ‘punten van herkenning’ die de islam aanreikt (‘Isa’ is zogenaamd Jezus en ‘Maryam’ Maria, enzovoort), spelen in op wensdenkende Westerse projecties. Toch is de ontmaskering en ontzenuwing hiervan helemaal niet zo moeilijk. We verwijzen hier naar de permanente deconstructie van de islam die de Parijs priester Guy Pagès bedrijft. Maar ook de middeleeuwse islamgeleerde Ibn Hazm (AD 994-1065) was op dit punt realistischer: hij definieerde de islam, zijn eigen godsdienst, als in diepste wezen een antichristendom. Dat christenen tot op de dag van vandaag de meest vervolgde gelovigen ter wereld zijn en dat de islam hun grootste vervolger is, bevestigt hoeveel scherper Ibn Hazm dit toen al zag dan Kinneging nu.

Funderend

Deze kritiek betreft echter slechts enkele passages in het boek. Zij doet niets af aan de grote betekenis van dit werk. Uitgever Mai Spijkers van uitgeverij Prometheus zei bij de presentatie dat er in heel zijn lange uitgeverscarrière geen boek was dat hem zo trots maakte als dit. Wie De onzichtbare Maat gelezen heeft, zal dit begrijpen. Het is een majeure bijdrage aan het conservatieve denken in Nederland, en een krachtige herinnering aan en pleidooi voor de funderende betekenis die de klassieke cultuur als praeparatio evangelica, als voorbereiding van het evangelie zoals de Kerkvaders het noemden, en vervolgens – a fortiori – de H. Schrift zelf voor onze cultuur hebben en zouden moeten houden. Wie een Nederlands boek wil lezen met doordachte kennis over de filosofische grondslagen van onze beschaving, een boek dat er bovendien niet voor terugdeinst nu en dan de moderne mens stevig de les te lezen, kan geen betere keus doen. Cultuur onder Vuur beveelt het daarom met kracht bij u aan.

U kunt De onzichtbare Maat bestellen op de website van uitgeverij Prometheus: https://webwinkel.uitgeverijprometheus.nl/book/andreas-kinneging

Cultuur onder Vuur strijdt met 0 euro subsidie voor de Nederlandse cultuur. Help ons met een gift!

Thierry Baudet: Nederland heroveren op ‘linkse mensen’

“Met afstand de beste, meest interessante beschaving óóit.” Met grote nadruk op ‘óóit’. Thierry Baudet liet er op het symposium in Gouda geen twijfel over bestaan: de Nederlandse cultuur kan op hem rekenen. Dat wil zeggen, op die van Thierry Baudet als denker en voorman van het Forum voor Democratie.

Goed overzicht

Cultuur onder Vuur was erbij in Gouda. We wilden zelf horen wat de leider van Forum voor Democratie te vertellen had, want de reguliere pers kun je daarin niet vertrouwen. Zo probeert het Algemeen Dagblad in zijn verslag Baudet in de extreemrechtse hoek te drukken. Er was niets in Baudets betoog dat zelfs maar in die richting zweemde. Alsof de Forum-leider daarmee in dit christelijk gezelschap trouwens was weggekomen. Het Nederlands Dagblad besteedt dan weer nauwelijks aandacht aan Baudets nadrukkelijke waardering voor het christendom en de christelijke cultuur.

Hoopvolle perspectieven

NRC Handelsblad had columnist Lotfi El Hamidi gestuurd. Die probeert het betoog van Thierry Baudet te ontkrachten door het als ondergangsdenken te typeren, hoewel Baudet in Gouda exact het tegenovergestelde deed en juist sterk het belang van nieuwe, hoopvolle perspectieven voor Nederland benadrukte. Maar dit zou dan, volgens El Hamidi, weer “opportunistisch” van Baudet zijn om het “conservatieve christendom” voor zich te winnen.

Genuanceerd overzicht

Hoewel het symposium als promotie bedoeld was voor Het opmerkelijke einde van Europa van Douglas Murray beval Baudet dat boek eigenlijk nauwelijks aan. Hij interesseert zich als politicus voor waar het boek ophoudt: voor de oplossingen, want het probleem – multiculturalisme – kennen we al. Daarmee doet Baudet het boek wat tekort, want het is een goed en genuanceerd overzicht hoe Europa bezig is zelfmoord te plegen: door een combinatie van onvoldoende geboortecijfers en ongebreidelde massa-immigratie. Plus een multiculti-ideologie om dat alles te rechtvaardigen.

Kolonialisme

Thierry Baudet doorbreekt politieke conventies op een wijze die verademend is. Welke andere politicus durft voor een groot gehoor te zeggen dat het kolonialisme –  met alle gebreken die het had – in wezen toch “een enorm avontuur” was, dat ons – ondanks alle bezwaren die je ertegen zou kunnen hebben – wél uitdaagde en stimuleerde tot grote daden. Zulke dromen moeten we weer gaan creëren. We moeten weer naar de maan, een luchthaven in zee. We hebben weer positieve idealen nodig.”

Bijzonder onderwijs

Ook beaamde Baudet
rondborstig dat christelijke onderwijs het beste onderwijs is: “Ik ben groot
voorstander van bijzonder onderwijs.” Hij vindt het wel een probleem dat islamitische
scholen nu van artikel 23 grondwet mee kunnen profiteren. “We moeten veel strenger
zijn op islamitisch onderwijs”. Het bijzonder onderwijs dreigt anders een vehikel
van islamisering te worden. Daar is artikel 23 nooit voor bedoeld.

‘Culturele zelfmoord’

Wat Nederland nu nodig
heeft, aldus Baudet, is “een cultuuromslag”. Een die vergelijkbaar is die met
de ‘revolutie in ’68’, maar dan in de goede richting: om ons land te “heroveren
op linkse mensen die VVD stemmen (luid gelach en applaus van publiek) en hun hermetisch
van culturele zelfmoord bevangen brein”.

‘Heel erg weinig’

Maar die contra-revolutie begint bij
onszelf, zo hield Baudet zijn gehoor voor. “Wat zijn de twee grootste risico’s
die onze samenleving bedreigen?” Enerzijds de klimaathoaxers, anderzijds de
radicale islam. “Maar als je nagaat om hoeveel mensen dat gaat, zijn dat er
eigenlijk maar heel erg weinig.”

Concrete gevallen

Overtuigde minderheden kunnen echter maatschappelijke
veranderingen afdwingen. Zij weten wat ze willen en gaan daarvoor. In een
samenleving die twijfelt aan zichzelf, krijgen ze veel voor elkaar. Tegenover
het opdringen van gevaarlijke ideologische fanatici, moeten gewone mensen zich durven
herpakken, vindt Baudet. “Bijvoorbeeld ouders tegenover de school.” Die moeten
geen genoegen nemen met de linkse indoctrinatie van hun kinderen, maar daarover
met gelijkgezinde ouders hun beklag doen.

Cultuur onder Vuur

Zowel in zijn analyse als in zijn oplossing ondersteunt Thierry Baudet precies de aanpak die Cultuur onder Vuur sinds jaar en dag in praktijk brengt. Enerzijds analyseren en de vinger op de wonde leggen, anderzijds actie voeren en het verzet organiseren. We zullen de partij en leider kritisch blijven volgen.

Cultuur onder Vuur strijdt 100 procent en met 0 euro subsidie voor de Nederlandse cultuur en tegen de politieke correctheid. Help ons met een gift!

Is de restauratie van de Notre Dame gedoemd te mislukken?

Bron afbeelding: Wikimedia Commons

Veel plannen zijn nu in omloop voor de restauratie van de Notre Dame na de tragische en zeer symbolische brand die de wereld schokte. Ingenieurs maken zich op voor deelname aan dit uitdagende project. Ruim een miljard euro is al bijeen gebracht, bijna moeiteloos. De Franse president Emmanuel Macron heeft zich al voorgenomen om binnen vijf jaar een nog mooiere kerk te bouwen.

Morele generatie

Alles is klaar. Het lijkt erop dat niks ontbreekt – behalve nederige en berouwvolle harten. Daardoor ontbreekt alles. Want als dit werk niet met een geest van geloof wordt gedaan, is de restauratie gedoemd om steriel en zielloos te zijn.

De restaurateurs behandelen de taak als een staaltje bouwkunst. Maar veel belangrijker dan een fysieke restauratie is een morele generatie. Want zoals velen hebben opgemerkt, symboliseert het woedende vuur de verwoestende crisis in de Kerk en in het Westen. Waartoe restaureren de ingenieurs het gebouw in perfectie, als het geen ziel heeft?

Het is het katholieke Frankrijk dat hersteld moet worden. Weinigen stellen de belangrijke vraag, hoe we de Heilige Moeder in de kathedraal kunnen doen terugkeren. Zal God de restauratie zegenen? Of zal hij het behandelen als een moderne toren van Babel, meer gemaakt om de mens dan God te verheerlijken?

De restauratie van Chartres

Inderdaad, Onze Lieve Vrouw moet terugkeren om de Notre Dame tot haar bezit te maken, opdat haar huis niet weer gereduceerd wordt tot een museum voor hen zonder geloof. De geschiedenis geeft enige inzichten in hoe een waarachtige restauratie plaats kan vinden.

In zijn boek De kathedraal vertelt de 19e eeuwse Franse schrijver J.K. Huysmans het fascinerende verhaal van de middeleeuwse herbouw van de kathedraal van Chartres, nadat een brand de kerk had verwoest. Hieruit kunnen we lessen leren die in ons huidige verdriet kunnen helpen.

Glas-in-lood-raam in de imposante kathedraal van Chartres. Bron: Flickr.

Buitengewone moeite en energie

Het verhaal van Chartres zou niet te geloven zijn, ware het niet dat het in de annalen van de Benedictijnen, Franse kronieken, en oude Vaticaanse documenten opgeschreven zou zijn. Ook seculiere auteurs erkennen de buitengewone moeite en energie die deze tempel van Maria op de ijzige velden van La Beauce hebben opgericht.

In die tijd had Frankrijk gebrek aan alles, behalve nederige en berouwvolle harten. Huysmans vertelt ons dat de arbeiders nederig en anoniem werkten. We weten weinig over hun vaardigheden, maar veel over hun devotie.

“Want dit weten we: Ze werkten alleen als ze in een staat van genade waren,” schrijft Huysmans. “Om deze glorieuze tempel te bouwen, was zuiverheid gevraagd, zelfs van de arbeiders.”

“Een Maagd redden”

Toen het nieuws rondging dat een brand het heiligdom van de Heilige Maagd had verwoest, arriveerden de arbeiders in Chartres. Een algemene roep kwam van overal onder de mensen, omdat “de Madonna toen geliefd was in Frankrijk.” Ze vormden een sublieme kruistocht en namen zich voor om, wat het ook kosten zou, “een Maagd te redden, dakloos nu als op de dag waarop haar zoon geboren was.”

Hele bevolkingsgroepen van overal in Frankrijk verlieten hun werk om de Heilige Maagd te komen helpen. De wegen waren vol met pelgrims, rijk en arm, man en vrouw, jong en oud. Niets kon ze tegenhouden – geen moerassen, dichte bossen, of diepe rivieren. Ze vormden “onverslaanbare legioenen van verdriet” die met hun lijden en gebed de hemel belegerden om hun werk te zegenen.

Een eindeloos gedrang nam spoedig Chartres in haar bezit. De brokstukken werden opgeruimd, funderingen werden gegraven, en hele boomstammen en zware stonen werden gedragen. Mannen en vrouwen van alle leeftijden en sociale klassen trokken karren, en onderwierpen zich aan de discipline van de monnik-bouwmeesters die het werk leidden.

Ieder zijn taak

“Goddelijke liefde was zo sterk dat deze alle verschillen verwijderde,” observeert Huysmans. Inderdaad, allen leefden in een bijzondere harmonie en accepteerden de taken die ze gesteld werden. Iedereen had een taak: koken, zagen, of sjouwen. Zelfs de zieken konden helpen door de hemel te bestormen met gebeden, aangenaam voor God.

De pelgrims zagen hun werk als “een daad van versterving en boetedoening, en tegelijkertijd als een eer; en geen man was zo hoogmoedig dat hij de materialen van de Heilige Maagd aanraakte, tot hij vrede had gemaakt met zijn vijanden, en zijn zonden had opgebiecht.

De verovering van de hemel

Zij die bleven vasthouden aan zonde, of niet regelmatig de sacramenten ontvingen, werden van het bouwterrein weggestuurd. Zij die bleven werkten in een geest van gebed; ze huilden om hun zonden en vroegen Onze Lieve Vrouwe om genade. Op zondagen vormden de menigten lange processies, zongen ze liederen, bezochten ze de diensten op hun knieën, en hielden ze kaarsen die ’s nachts flonkerden als de sterren.

Huysmans merkt op dat, bestormd met zoveel nederigheid en liefde, God de gebeden van Zijn volk verhoorde, en hun werk zegende. Een kathedraal begon te verrijzen.

“De hemel werd bestormd, en veroverd door liefde en inkeer. En de hemel gaf toe dat het verslagen was; de engelen glimlachten en stopten, God capituleerde, en in de blijdschap van de nederlaag, opende Hij de schatten van Zijn genade, om door de mensen geplunderd te worden.” Nog belangrijker, “Hij plaatste zijn machten in Zijn Moeders handen, en wonderen begonnen overal te gebeuren.”

Een veelheid aan wonderen

Het bouwen van zulk een magnifiek gebouw zonder moderne technologie komt op ons over als wonderlijk. In de tijd van het geloof werden zulke technische wonderen echter amper opgemerkt.

De kronieken over de restauratie focussen op de meer aandoenlijke wonderen van de Maagdelijke Moeder voor haar kinderen die met de restauratie bezig waren. Wanneer ze honger lijden, vermenigvuldigt ze brood om hen te voeden. Wanneer ze dorst hebben, voorziet ze hen van uitstekende wijn die zichzelf aanvult. Wanneer werklieden ’s nachts verdwalen in het bos, verschijnt ze met een fakkel in de hand om ze de weg terug te wijzen. Zij die gewond raken tijdens de bouw worden miraculeus genezen.

Op deze manier richtten de mensen een magnifiek verblijf op, passend voor een koningin. Onze Lieve Vrouw kwam om bij haar kinderen te zijn, en haar kerk met genades en zegeningen te vullen, die nu nog een licht zijn in onze nieuw-heidense dagen, waarin zovelen haar verlaten hebben.

Lessen voor ons

Heeft Chartes niet een les voor ons? Voor onze zonden zijn we geslagen met het verlies van de Notre Dame, de prachtige juweel die de vreugde van de wereld was. De christelijke beschaving die de kathedraal gebouwd heeft, is niet meer. Onze Lieve Vrouwe is nu dakloos, “net als op de dag dat haar Zoon geboren was.”

Wat nu nodig is is niet materialen, geld, of loze beloften. Onze Lieve Vrouwe wil deze zaken niet, en heeft ze niet nodig. Ze is niet onder de indruk van de technische oplossingen die zo weinig oplossen, en zoveel meer problemen creëren. Ze wil nederige en tot inkeer gekomen harten die God om zijn zegen vragen voor de restauratie van het gebouw, en de band van God en het Franse volk willen herstellen.

Knielende zielen

Toen de Notre Dame in brand stond, knielden devote zielen neer, hymnen zingend en de rozenkrans biddend. Zouden degenen die bij de restauratie betrokken zijn, overwegen zulke daden te vermeerderen als onderdeel van hun plannen!

Trouwe knielende katholieken zijn veel meer waard dan gedetailleerde plannen. Zoals in Chartes mogen we dan verwachten dat Onze Lieve Vrouwe vele wonderen geeft voor hen die haar aanroepen. We hebben arbeiders met geloof nodig. Laat hen bouwen met reine handen. Laten hun zielen oprecht zijn. Totdat dit gebeurt, zal de huidige restauratie gedoemd zijn te mislukken.

Als de Notre Dame gerestaureerd moet worden, zal de Madonna opnieuw geliefd moeten zijn in Frankrijk – en de wereld. Ze verlangt naar liefhebbende zielen die de hemel kunnen bestormen om voor haar terugkeer te vragen, niet om een gebouw te vullen, maar om opnieuw in de harten van de mensen te regeren.

Auteur: John Horvat II
Dit artikel verscheen eerder op
www.returntoorder.org

Cultuur onder Vuur verdedigt de Nederlandse cultuur en de christelijke beschaving. Help onze inzet met een gift!

Pakistan: geestelijk gehandicapte christenen beschuldigd van ‘blasfemie’

Stephen Masih, een Pakistaanse christen met een geestelijke beperking, is op 14 maart door de politie aangehouden op verdenking van godslastering. Dit na een klacht van een islamitische geestelijke, Hafiz Muhammad Mudassar, die op zijn beurt was geïnformeerd over de vermeende blasfemische uitlatingen van Stephen door een aantal islamitische vrouwen.

Strafbaar

Volgens de zus van Stephen, Alia, is hij soms
opstandig en argumenteert dan op luide toon met zijn moeder en zuster. Zo ook
deze laatste keer. Dit werd gehoord door de islamitische buurvrouwen die vervolgens
melding hebben gedaan bij Mudassar van blasfemie. Stephen zou Mohammed hebben
beledigd en dit is strafbaar in de Islamitische Republiek Pakistan onder §295
C. Behalve het opleggen van een boete kan de rechter hem ook ter dood
veroordelen hiervoor. De rechter in dergelijke zaken die vallen onder deze
paragraaf 295 C is altijd een islamitische rechter.

Gerucht is genoeg

Veel is er niet voor nodig om in de Islamitische Republiek Pakistan van blasfemie beschuldigd te worden. Burenruzies kunnen al reden zijn iemand aan te geven bij de autoriteiten voor ‘blasfemie’ volgens onder andere Amnesty International het gerucht alleen is vaak al genoeg. Wat het nog wranger maakt is de arrestatie en/of beschuldigingen van blasfemie, waar je dus de doodstraf voor kunt krijgen, aan het adres van mensen met een verstandelijke beperking.

Jaren in gevangenis

In bijvoorbeeld augustus 2012 werd een 11-jarig christelijk meisje dat waarschijnlijk Down syndroom heeft beschuldigd onder paragraaf 295 B; het bezoedelen van de Koran waar levenslang op staat. Ze wist uiteindelijk naar Canada te vluchten. In oktober 2018 was het een christelijke man, Yaqoob Bashir, die ook een verstandelijke beperking heeft die beschuldigd werd van blasfemie. Dit overkwam eerder ook de 65-jarige christelijke man Iqbal Masih die ook een verstandelijke beperking heeft en Humayyun Faisal, een verstandelijk beperkte christelijke man die ook werd beschuldigd van blasfemie. De lijst is nog veel langer. Vaak zitten mensen jarenlang in de gevangenis alvorens zij alsnog worden vrijgesproken.

Denigrerend

De situatie van christenen en andere minderheidsgroepen
in Pakistan is zeer dreigend, maar juist de zeer kwetsbaren, zoals
verstandelijk beperkte mensen, jonge mensen zoals de 14-jarige Rimsha Masih of
ouderen zoals de 65-jarige Iqbal Masih is schrijnend. Voor de blasfemiewet
onder paragraaf 295 C geldt als enige namelijk dat iemands intentie om te
lasteren niet hoeft te worden bewezen. Bovendien is de omschrijving van wat dan
blasfemie, denigrerend spreken over Mohammed speciaal in deze paragraaf, is in
zeer vage bewoording staat beschreven. Wat is denigrerend, wie bepaalt wat wel
of niet denigrerend is? In de betreffende paragraaf wordt nog gesproken over
aantijgingen of toespelingen, allemaal zeer subjectief en vaag, waardoor het
niet moeilijk is iemand hiervan te beschuldigen. Zelfs met indirecte
insinuaties zou je in theorie Mohammed zijn naam kunnen bezoedelen waar iemand
aangifte van kan doen bij de autoriteiten.

Agressieve mobs

Niet alleen de wet, maar ook zogenaamde mobs, die roepen om de dood van mensen
die beschuldigd zijn van het beledigen van Mohammed en zelfs bereid zijn tot
geweld vormen een groot gevaar. Om hen te beschermen tegen deze agressieve mobs worden sommigen zelfs opgesloten in
de gevangenis. Denk maar aan het voorbeeld van Asia Bibi, de christelijke vrouw
die bijna tien jaar gevangen zat ook wegens vermeende blasfemie, die onder de
dreiging gelyncht te worden nu van schuiladres naar schuiladres gaat.

Erbarmelijke toestanden

De situatie voor christenen en andere minderheden in de Islamitische Republiek Pakistan wordt steeds schrijnender. Helaas zijn deze gevallen slechts in zeer beperkte mate bekend bij het grote publiek en schrijven de main stream media er nauwelijks over. Het wordt tijd dat westerse leiders deze erbarmelijke toestanden openlijk aan de kaak stellen en veroordelen om zo de druk op het regime daar vergroten. (Sonja Dahlmans)

Christenen zijn nooit slachtoffer in westerse media

SOS Christianos Zo luidt de titel van een interessant boek dat de Spaanse correspondent Pilar Rahola in april 2018 uitbracht. Rahola noemt zichzelf areligieus. In een interview legt zij uit dat men in het Westen de grote christenvervolging die momenteel plaatsvindt over de hele wereld, van Afrika tot Azië en in het Midden-Oosten, negeert omdat christenen nooit slachtoffer kunnen zijn in de ogen van westerse mensen. Rahola spreekt van een subtiele ‘christianofobie’ in het Westen waarover zij nog een ander boek zegt te willen schrijven. Over politieke correctheid schrijft zij dat dit een nieuwe vorm van (zelf)censuur is, waarin de christenvervolging niet wordt benoemd, niemand voor de vervolgde Kerk opkomt en dat de mainstream media hierover nauwelijks berichten. Waarom blijft de grote verontwaardiging hierover uit, vraagt Rahola zich af en waarom wordt er geen actie ondernomen vanuit het Westen?

Christelijke Kachin

Mondjesmaat komen soms berichten over het lijden van de christenen in diverse uithoeken van de wereld naar buiten, die dan vaak ook nog worden gekwalificeerd als een vorm van ‘islamofobie’, omdat de vervolging van christenen vaak in islamitische landen gebeurt. Behalve Noord-Korea, dat al jaren lang bovenaan de ranglijst van Open Doors staat, zijn de meeste andere landen die in de top tien staan islamitische landen zoals Afghanistan, Pakistan, Soedan, Somalië, Libië, Jemen, Eritrea en Iran. Sterker nog, van bijvoorbeeld Myanmar weten we van berichtgeving van de NOS wél dat de Rohingya-moslims daar worden vervolgd, maar niet dat dit ook gebeurt met de christelijke Kachin in het zelfde land. Wanneer u meer over deze bevolkingsgroep wilt lezen, zie deze links en deze.

‘Vrije Westen’

Dit geldt ook voor de situatie van bijvoorbeeld Asia Bibi, de christelijke vrouw in Pakistan die bijna tien jaar gevangen zat omdat zij Mohammed beledigd zou hebben. Zij was bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk niet welkom, uit angst voor ‘sociale onrust’ en uit angst voor aanslagen. Laat dit even tot u doordringen. Een christelijke vrouw die jarenlang onterecht gevangen zat, wordt geen asiel aangeboden omdat men vreest voor aanslagen. Hoever laten we ons zelfs hier intimideren als een vrouw die zonder meer asiel zou moeten krijgen, omdat grote groepen in Pakistan dreigden haar te doden zodra zij vrij kwam, vervolgens in het zogenaamde ‘vrije Westen’ niet welkom is uit angst voor repressies hier? Over haar op handen zijnde vrijlating werd wereldwijd geschreven, maar dat het verhaal van mevrouw Bibi slechts een van de vele verhalen van vervolgde christenen in Pakistan is, daarover wordt slechts summier bericht.

Speelbal

We zagen dit ook gebeuren na de afschuwelijke aanslag in Christchurch, Nieuw-Zeeland waar in een moskee tientallen moslims werden gedood. Tegelijkertijd waren er ook aanslagen in Nigeria op christenen, maar dat werd niet of nauwelijks getoond. Zoals reeds eerder benoemd, wordt het lijden van de christenen in Nigeria of elders in de wereld geframed als ‘extreemrechtse sentimenten’. Het lijden van de vervolgde Kerk wordt zo een speelbal tussen westerse politici; een ‘links’ versus ‘rechts’ verhaal waarbij de schrijnende situatie van christenvervolging niet voor het voetlicht wordt gebracht. Met uiteraard als gevolg dat er dus ook nauwelijks actie wordt ondernomen, omdat de bittere urgentie ervan bij het grote publiek nauwelijks doordringt door de geringe berichtgeving.

‘Islamofobie’

Ook tijdens de afgelopen verkiezingscampagne voor de provinciale staten en het waterschap in ons eigen land, vlak na de aanslag in Christchurch, Nieuw-Zeeland op een moskee benadrukten Frans Timmermans (PvdA, Europees Parlement) en dr. Leo Lucassen dat deze aanslag kwam omdat mensen ‘bang worden gemaakt’ door Europese politieke partijen die angst of ‘islamofobie’ zaaien waardoor, zo zei Frans Timmermans dat ‘het ertoe kan leiden dat mensen die niet goed sporen tot geweld tegen andere mensen overgaan.’ ‘Hier,’ zo zegt Timmermans, ‘moeten wij duidelijk stelling tegen innemen.’ Hij doelde hier op Thierry Baudet van het Forum voor Democratie, die hij een idioot noemt, en op Geert Wilders van de PVV wier gedachtengoed volgens Timmermans is dat: “Wij, witte christenen, worden verdrongen uit ons eigen land, weggejaagd.”

Complottheorie

Ten eerste heeft naar ik weet noch Wilders noch Baudet er een groot issue van gemaakt dat ‘witte christenen worden verdrongen uit eigen land’, maar wat veel erger is, is de associatie met christenen en hun witte huidskleur die Timmermans en ook Lucassen hierbij maken: “Kern van de door hen aangehangen complottheorie is dat naïeve linkse aanhangers van het multiculturalisme verantwoordelijk zijn voor de massa-immigratie van moslims en andere immigranten van buiten Europa. Met name de moslims onder hen zouden erop uit zijn de macht over te nemen en door een proces van ‘omvolking’ de ‘blanke’, christelijke, Europeanen te verdringen”. De christenen die worden vervolgd in het Midden-Oosten, Azië en Afrika zijn niet wit, zo hun huidskleur er überhaupt al toe doet. Zoals reeds gezegd, wordt hier al nauwelijks aandacht besteedt in de mainstream media over de christenvervolging. Christenen in Nederland zijn doorgaans lid van christelijke partijen zoals het CDA, de SGP of de CU en niet van de PVV of het Forum voor Democratie en de laatste twee partijen hebben niet als speerpunt dat zij ‘witte christenen’ willen redden van uitzetting uit ons land. Bizar.

Rechtsextremisme

Maar hier speelt nog iets anders op
de achtergrond mee; namelijk dat christenen vaak inderdaad worden geassocieerd
met wit of blank zijn, ook al zijn de meeste christenen op de wereld dat niet.
Rahola zegt dit ook: “Christenen zijn geen slachtoffers, want zij waren volgens
dit soort sentimenten in het verleden degenen die anderen vervolgden.” Hoeveel
islamitische aanslagen er ook zijn, Brussel, Parijs, Nice, Madrid, Stockholm,
New York, Boston, Cairo, Alexandrië, Bagdad, Ankara et cetera, hier mag je niet
bang voor zijn want dat heet ‘islamofobie’. Maar een aanslag – hoe
verschrikkelijk ook – in Nieuw-Zeeland wordt direct gelinkt aan vermeende
anti-islamsentimenten of rechtsextremisme van politieke opponenten waar wij
‘duidelijk stelling tegen moeten nemen’ aldus Timmermans.

Stelling nemen

In dit hele politieke spectrum, links tegen rechts of extreemrechts, is de vervolgde Kerk op zichzelf aangewezen want niemand wil zich hieraan branden omdat de eigen politieke belangen zwaarder wegen dat het lijden van onze christelijke medemensen. Rahola zegt dit zeer treffend: “Voor extreemrechts zijn vervolgde christenen te exotisch om zich druk om te maken en voor links kunnen zij geen slachtoffer zijn, want ze zijn schuldig.” Wanneer mensen worden vervolgd, vermoord, ontvoerd en verkracht, alleen omdat ze christen zijn, dán horen wij duidelijk stelling te nemen. En precies dat laten wij na, omdat onze eigen politieke voorkeur en de polarisering in onze eigen omgeving van groter belang lijkt te zijn dan opkomen voor de vervolgde Kerk. Het Westen moet zich schamen dat het zover is gekomen dat het lijden van anderen ondergeschikt is geraakt aan onze eigen politieke machtsstrijd en interne verdeeldheid. We horen deze zaken zuiver van elkaar te scheiden, zodat de vervolgde christenen niet langer het kind van de rekening zijn en op onze onvoorwaardelijke steun kunnen rekenen. Wanneer we dit niet doen, kunnen we zoveel praten over onze eigen idealen als wij willen, maar dan zijn dit slechts woorden en holle politieke retoriek. (Sonja Dahlmans)

‘Massamigratie ondermijnt cultuur Europese landen’

Toonaangevende personen uit de top van de katholieke Kerk laten steeds indringender waarschuwingen horen dat de massamigratie van de afgelopen jaren vanuit Afrika, het Midden-Oosten en Azië onderdeel uitmaakt van een plan om de christelijke identiteit van Europa te veranderen. Mgr. Athanasius Schneider (57) uit Kazachstan zei in gesprek met de Italiaanse krant Il Giornale dat “het verschijnsel van de zogenaamde ‘immigratie’ een georkestreerd en lang voorbereid plan van internationale krachten vormt om de christelijke en nationale identiteiten van de Europese volken radicaal te veranderen.”

Menselijkheid

Hierbij spannen zij ook de katholieke Kerk voor hun karretje. “Deze krachten gebruiken het enorme potentieel van de Kerk en haar structuren om hun antichristelijke en anti-Europese doel nog effectiever te bereiken.” Om die reden misbruiken deze krachten “het ware concept van menselijkheid en zelfs het christelijke gebod van de naastenliefde”.

Soevereiniteit

Gevraagd naar de nieuwe strikte Italiaanse immigratiepolitiek en de Euroscepsis van de minister van Binnenlandse Zaken, Matteo Salvini, antwoordde bisschop Schneider dat hij de politieke situatie van Italië niet goed kende. Maar de bisschop liet er geen twijfel over bestaan dat hij elke poging van een Europese regering toejuicht om de soevereiniteit van de natie en haar “historische, culturele en christelijke identiteit” te benadrukken tegenover “een nieuw soort van Sovjet-Unie” met “een onmiskenbare vrijmetselaars-ideologie”, aldus mgr. Schneider, zinspelend op de Europese Unie.

Migrantenverdeling

De opmerkingen van bisschop Schneider doen denken aan die van kardinaal Sarah eind vorig jaar bij een bezoek aan Polen. “Elk land heeft het recht om onderscheid te maken tussen echte vluchtelingen en economische migranten die de cultuur van dat land niet delen”, aldus de Afrikaanse kardinaal, die nu in Rome werkt. De kerkvorst toonde begrip voor landen als Polen en Hongarije die de “logica” weigeren van migrantenverdeling “die sommigen proberen op te leggen.” De kardinaal heeft weet van de moeilijkheden die dit kan geven. Hij is afkomstig uit Afrikaans Guinee, waarvan de bevolking voor 85 procent islamitisch is.

Eendimensionale wereld

Ook wees de kardinaal erop dat “hoewel elke migrant een menselijk wezen is dat gerespecteerd moet worden, de situatie ingewikkelder wordt als zij afkomstig zijn uit een andere cultuur of religie en het gemeenschappelijke belang van de natie in gevaar kan brengen”. Immigrationisme is geen menslievendheid. De kardinaal uitte kritiek op “de ideologie van liberaal individualisme die een vermenging voorstaat die erop gericht is de natuurlijke grenzen van vaderlanden en culturen te ondermijnen, en die leidt tot een post-nationale en eendimensionale wereld, waar consumptie en productie de enige dingen zijn die tellen.”

De bekering van Joram van Klaveren (2)

Opmerkelijk genoeg vindt het tweede deel van het gesprek tussen Tijs van de Brink, EO, en ex-PVV’er Joram van Klaveren plaats in een rooms-katholieke kerk (De bespreking van het eerste deel vindt u hier). De reden hiervoor? Van de Brink merkt op: “Ja, die zijn open hé? Daar kun je naar binnen meestal.” Dit wordt door beide heren als een voordeel gezien, twee mannen die beiden een protestants christelijke achtergrond hebben. In de protestantse kerk is de deur dicht wanneer er geen dienst plaatsvindt. In de katholieke Kerk is de deur inderdaad meestal open vanuit de gedachte dat ieder mens tot God mag komen op elk moment en niet alleen tijdens de Heilige Mis.

Kruisdood

In de kerk aangekomen vraagt Van de Brink aan Van
Klaveren waarom hij nu geen christen meer is. Joram van Klaveren antwoordt hier
iets zeer opmerkelijks voor wie de islamitische bronnen kent. Hij geeft aan dat
het idee dat er een moord plaats moet vinden voordat God kan vergeven (christenen
geloven dat Christus de kruisdood stierf voor de vergeving van de zonden) iets
is waar hij zich niet (meer) in kon vinden. Zou God, vraagt Van Klaveren zich
hardop af, niet gewoon kunnen vergeven zonder een dood?

Hellevuur

In de islamitische brontekst Sahih Muslim, een van de twee hadith collecties met bijzondere autoriteit, staan drie ahadith (meervoud van hadith) waarin staat dat Allah de moslims een Jood of christen zal geven die voor de zonden van de moslim zal branden in het hellevuur (Sahih Muslim nummer 6665, 6666 en 6668). “Abu Musa meldde dat Allah’s boodschapper (hiermee wordt Mohammed bedoeld red.) heeft gezegd: Op de Dag van het Laatste Oordeel zal Allah elke moslim een Jood of een christen geven en zeggen ‘dit is je verlossing van het hellevuur’ ” (Sahih Muslim 6665). Joram van Klaveren zegt dat God in de Bijbel zegt barmhartigheid te willen, geen offers, en vindt de kruisdood van Christus daarin niet passen. Hoe hij dit ziet in het idee dat Allah elke moslim een Jood of christen zal geven die voor de daden van de moslim gestraft zullen worden voor de eeuwigheid blijft een interessante vraag.

Gestraft voor zonden

Van Klaveren gaat door met zeggen dat in het Oude en in het Nieuwe Testament staat, onder andere in Ezechiël, dat vaderen niet hoeven te sterven voor hun zonen. Dit staat inderdaad in Ezechiël 18:4 waar God zegt dat alleen wie zondigt zal sterven. Van Klaveren zegt dat binnen het christendom de mensheid gestraft wordt voor de zonden van Adam en impliciet zegt hij dus dat dit binnen de islam niet zo is. Dat is opmerkelijk. In Sahih Bukhari 6614 staat: “De profeet heeft gezegd: ‘Adam en Moses redetwistten met elkaar. Moses zei tot Adam ‘O Adam! Jij bent onze vader die ons teleurgesteld heeft en ons uit het paradijs heeft verdreven.’ ”

Barakah

Er zijn nog meerdere ahadith waarin dit staat. De bewering van Van Klaveren dat dit iets uit het christendom is en niet uit de islam klopt dus niet. Juist binnen het christendom is er verlossing door Christus, iets wat in de islam niet gebeurt, de moslim is afhankelijk van het verzamelen van genoeg ‘barakah: de juiste balans tussen goede en kwade daden waarop de gelovigen worden afgerekend op de Laatste Dag. Ook zegt Van Klaveren dat binnen de islam Jezus ook de Messias genoemd wordt. Dat laatste is waar, maar er is geen enkel theologische verklaring voor deze titel al-Massih, maar dat zegt Van Klaveren er niet bij.

Niet barmhartig

Als laatste de opmerking van Joram van Klaveren over
de kruisiging van Christus die volgens hem ‘zou kunnen hebben plaatsgevonden
als je naar de bronnen kijkt’. Hij doelt hiermee op bronnen binnen de islam die
zeggen dat er een kruisiging heeft plaatsgevonden. Wat hij niet vermeldt is dat
die bronnen juist zeggen dat niet Jezus, maar iemand anders gekruisigd is en
dat Allah het deed lijken alsof het Jezus was voor de aanwezigen bij het Kruis.
Dit is uiteraard in strijd met de bewering van Van Klaveren dat het niet
barmhartig is iemand te laten sterven of iemand te straffen voor de (vermeende)
zonden van een ander, soera 4:157 ‘maar zij doodden hem niet, noch hebben zij
hem gekruisigd, maar het was zo gemaakt dat het leek alsof dit zo was’.

Wrang

De hadith overlevering van Ibn Abbas is hierin nog duidelijker, Jezus vraagt hier aan zijn discipelen: “Wie van jullie naar mijn gelijkenis zal worden gemaakt en in mijn plaats zal worden gedood, hij zal op hetzelfde niveau van het paradijs (de islam kent meerdere lagen of niveaus voor het paradijs) met mij zijn.” De opdracht die christenen in het Evangelie (Mattheus 16:23-25 en Lucas 9:23-25) van Jezus krijgen, wordt hiermee wel heel wrang. Wanneer Jezus namelijk zelf een ander de klus liet klaren zogezegd, zoals in bovenstaande islamitische traditie, heeft hij alle christelijke martelaren door de eeuwen heen iets laten doen waar Hij zelf niet toe bereid was, namelijk de kruisdood sterven. Hoe dít volgens Van Klaveren barmhartig te noemen is, blijft een groot raadsel. (Sonja Dahlmans)

Dit is het tweede artikel over de bekering van Joram van Klaveren. Het eerste vindt u hier.

Kerken en massa-immigratie

Immigratie vormt momenteel geen ‘kans’, maar een grote bedreiging voor Europa. De instroom van miljoenen islamitische migranten en ‘vluchtelingen’ is desastreus voor onze cultuur. Waarom willen kerken dat niet inzien? Dit terwijl een van de grootste christelijke denkers, Sint Thomas van Aquino, hier duidelijk op gewezen heeft.

(meer…)