Hoe media begrip kweken voor jihad ‘strijders’ en ‘bruiden’

Het kan u als lezer niet zijn ontgaan; de vraag wat
wij moeten doen met terugkerende jihadisten werd de afgelopen weken
gepersonifieerd door Shamima Begum. Dit is een Britse jonge vrouw die, nu Islamitische
Staat bijna is verslagen, terug wilde keren naar het Verenigd Koninkrijk met
haar jonge zoontje: Jarrah, zo heet hij, nota bene vernoemd naar een
islamitische jihadist. Opmerkelijk aan deze vrouw is dat zij geen enkele emotie
toont waar het de slachtoffers betreft van IS, de gewelddadige organisatie waarbij
zij zich vrijwillig aansloot. Zonder een spier op haar gezicht te vertrekken vertelt
zij dat ze ‘ok was’ met de onthoofdingen van mensen.

Slachtofferdenken

Ook de slachtoffers van de aanslag tijdens een concert
van Ariana Grande in Manchester door een jihadist vond mevrouw Begum geen enkel
probleem. Dit zou volgens haar namelijk hetzelfde zijn als het doden van
Syriërs door Westerse landen. Dat de groep waar zij zich bij aansloot, IS, ook
burgerslachtoffers maakte, zoals de Yezidi en christenen in Syrië en Irak,
daarover rept Begum met geen woord. Shamima vindt – zo blijkt uit een interview
met haar – dat de inwoners van het Verenigd Koninkrijk ‘sympathie voor haar
zouden moeten opbrengen vanwege alles wat zij heeft meegemaakt.’ De Britse
regering heeft haar de Britse nationaliteit afgepakt. Ook dit kon op geen enkel
begrip van Shamima Begum rekenen, zo vast zit zij in het eigen slachtofferdenken.
Zij overweegt overigens ook nog een Nederlands paspoort aan te vragen zodat zij
in ons land kan wachten tot haar Nederlandse echtgenoot uit de gevangenis komt.

Te extreem

Het kan nog veel gekker; Jeremy Corbyn, de leider van de Britse Labour Party vertelt in een interview dat Shamima Begum volgens hem het ‘recht heeft terug te keren naar Groot-Brittannië’. Daar aangekomen zou zij dan volgens hem wel geconfronteerd moeten worden met vragen en eventuele acties daarna. Maar, zo zegt Corbyn, iemand zijn nationaliteit afpakken is te extreem. Je aansluiten bij een groep die erom bekend staat mensen te onthoofden of in een kooi vastgezet levend te verbranden of juist verdrinken en daar ‘ok’ mee te zijn zoals Shemima Begum onlangs nog aangaf, lijkt mij op z’n zachtst gezegd ook extreem. Wanneer u haar naam zou googelen krijgt u tal van artikelen te zien: bijna alle media hebben wel iets over deze vrouw geschreven.

Zieke manier

Het past allemaal in het platform dat de media al
jaren bieden aan mensen als Begum die zichzelf als slachtoffer zien en van
politici, celebraties en opiniemakers die dit beeld versterken. Ook de taal die
de media gebruiken draagt hieraan bij. Neem bijvoorbeeld het woord
‘jihadbruidje’. Bij het woord bruidje denken de meeste mensen aan een
lieflijke, onschuldige jonge vrouw in het wit die in het huwelijksbootje stapt
met haar geliefde om nog lang en gelukkig te leven zoals sprookjes meestal
eindigen. Wat voor zieke manier van denken maakt dat dit woord wordt gebruikt
voor jonge vrouwen die willens en wetens een veilig land verlaten om zich aan
te sluiten bij een groep mannen die mensen onthoofden, levend verbranden en
vrouwen verkrachten en verhandelen op een slavenmarkt? En daar dan ook nog,
zoals Shemima Begum, ‘ok’ mee zijn?

Op slavenmarkt verhandeld

Ook de naam die wordt gebruikt voor jihadisten, IS
‘strijders’ doet voorkomen alsof wij hier te maken hebben met dappere mannen
die vol vuur strijden voor de goede zaak. Terwijl de waarheid is dat dit mannen
zijn die nietsontziend en zonder enige empathie mannen en vrouwen hebben gedood
en gemarteld, verkracht en op een slavenmarkt hebben verhandeld. Bizar dat deze
mannen en vrouwen ‘bruiden’ en ‘strijders’ worden genoemd, maar de jezidi
steevast als seksslavinnen worden betiteld alsof wat IS van hen maakte, is wat
deze vrouwen bij uitstek typeert. Alsof zij niet meer zijn dan de optelsom van
de gruwelijke daden die tegen hen waren gericht.

Jezidi

Als er een groep is die wij daadwerkelijk strijders kunnen noemen, zijn het wel vrouwen als Pari Ibrahim, de voorvrouw van de Free Yezidi Foundation. Zij is de ware strijder die vol vuur opkomt voor de belangen van haar volk. Juist de manier waarop de jezidi zich hebben weten te handhaven ondanks alle gruwelijkheden die zij zelf of hun familie hebben meegemaakt dient respect in woord en daad van onze kant. (Sonja Dahlmans)