Tag: immigratie

Hulporganisaties stimuleren immigratie, halen Afrikanen op bij Libië

De immigratie vanuit Afrika gebeurt weer met schrikbarende aantallen

Frontex luidt de noodklok over immigratie. Volgens Fabrice Leggeri, chef van de Europese grensbewakingsdienst, pikken de hulporganisaties de migranten op vlakbij de Afrikaanse kust. “Dit leidt tot smokkelaars die nog meer dan vorige jaren migranten op onzeewaardige boten dwingen, met onvoldoende water en brandstof.”

Niet humanitair

Een straffe beschuldiging aan het adres van organisaties als Artsen zonder Grenzen, die zich laten voorstaan op hun humanitaire inzet. Die inzet is bij nader inzien niet zo humanitair. De hulporganisaties varen honderden kilometers vanuit Europa helemaal tot vlak aan de kust van Libië om migranten op te pikken. Artsen Zonder Grenzen werkt naar eigen zeggen “op 20 zeemijl van de Libische kust.” Zo hoeven mensensmokkelaars slechts een stukje uit te varen. Dit werkt de mensensmokkel alleen maar in de hand en leidt tot meer doden, zo stelt Frontex-baas Leggeri vast.

Medewerking aan mensensmokkel

Aangezien de mainstream media het verzaakt hier fatsoenlijk aandacht aan te schenken, gingen Twitteraars zelf op onderzoek uit. Zij bekeken systemen die scheepsverkeer volgen. Wat blijkt: op een gegeven moment liggen wel vier schepen voor de kust te wachten op de migranten. Hier is geen noodhulp voor mensen die anders verdrinken, maar medewerking aan mensensmokkel.


Een Twitteraar vond schepen die gerust 1000 kilometer varen om 10 kilometer voor de kust van Libië te gaan liggen.

Aanzuigende werking

De drempel naar Europa is aanzienlijk lager als je niet 1000, maar 10 kilometer in een bootje hoeft te dobberen. Komende jaren komen er daardoor miljoenen Afrikanen bij in Europa: laagopgeleide jongemannen die snel in de illegaliteit verdwijnen en criminaliteit bedrijven. Deze Afrikanen willen niet vluchten maar verdienen. Daar betalen wij dus liefdadigheid voor. (Godfried)

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Thomas Aquino: terreur pleit voor onwaarheid van islam

Thomas Aquino, de geleerde die gezien wordt als een van de meest vooraanstaande filosofen en theologen uit de Middeleeuwen, heeft een bijtende kritiek geleverd op de islam. Hij baseerde zich daarbij voor een groot deel op de aanvechtbare karaktereigenschappen en methoden van zijn stichter Mohammed.

Menselijk tekort

De website Breitbart meldt dat “volgens Aquino de islam vooral onwetende, brute en vleselijke mensen aanspreekt”. De islam “verspreidt zich immers niet door de kracht van zijn argumenten of door goddelijke genade, maar door de macht van het zwaard. Aquino, die een scherp oog had voor het menselijk tekort, was vertrouwd met het werk van de islamitische filosofen van zijn tijd, zoals Avicenna, Algazel en Averroes – en hij behandelde die in zijn eigen geschriften.

Kerkleraar

Aangezien de islam gesticht en verspreid is in de zevende eeuw, leefde Aquino – die door katholieken als een heilige en kerkleraar wordt gezien – in een tijd die dichter bij die van Mohammed ligt dan bij onze eigen tijd. In een van zijn belangrijkste werken, de omvangrijke Summa contra gentiles, die Aquino tussen 1258 en 1264 schreef, voerde de geleerde argumenten aan voor de waarheid van het christendom tegenover andere geloofssystemen, met inbegrip van de islam.

Vleselijke genietingen

Aquino zet de verspreiding van het christendom af tegen die van de islam, en voert aan dat veel van het vroege succes van het christendom samenhing met het wijdverspreide geloof in de wonderen van Jezus, terwijl de verspreiding van de islam gebaseerd was op de belofte van vleselijke genietingen en wapengeweld. Mohammed, zo schrijft Aquino, ‘verleidde de mensen door beloften van zinnelijke genietingen waartoe de begeerte van het vlees ons aanzet. Zijn leer bevatte ook voorschriften die in overeenstemming waren met zijn beloften, en hij gaf de vrije teugel aan zinnelijke genietingen.’

Beperkte wijsheid

Een dergelijk aanbod, stelde Aquino, sprak een zeker mensentype aan dat beperkt is in deugd en wijsheid. ‘In dit alles, zoals te verwachten, werd hij (Mohammed, red.) gehoorzaamd door vleselijke mensen’, schreef hij. ‘Wat de bewijzen voor zijn leer betreft, voerde hij alleen die aan die begrepen konden worden door het natuurlijke vermogen van iedereen met een zeer beperkte wijsheid. Hij vermengde in feite de waarheden die hij leerde met vele fabels en leerstukken van de grootste onwaarheid.’

Totaal onwetend

Vanwege de zwakheid van de beweringen van de islam, zo voerde Aquino aan, ‘geloofden wijze mensen, die onderwezen waren in goddelijke en menselijke dingen, hem al vanaf het begin niet’. Degene die hem daarentegen wel geloofden ‘waren brute mensen en woestijnnomaden, totaal onwetend over alle goddelijke lering. Door hun aantal dwong Mohammed anderen met wapengeweld zijn volgelingen te worden.’

Macht van wapenen

De gewelddadige verspreidingsmethoden van de islam waren voor Aquino in het bijzonder onovertuigend, omdat hij vond dat het gebruik van een dergelijk geweld niet de waarheid van iemands beweringen bewijst, en dat dit typisch de middelen zijn die door slechte mensen worden aangewend. ‘Mohammed zei dat hij gezonden was met macht van wapenen’, aldus Aquino, ‘wat tekenen zijn waar zelfs rovers en tirannen geen tekort aan hebben.’”

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Opruiing Erdogan schaadt ook Nederlands belang

Nederland mag dan wel een van zijn ministers het land uitgewezen hebben, president Erdogan van Turkije heeft eigenlijk niemand nodig om campagne te voeren. Nadat hij Nederlanders en andere Europeanen eerder al vergeleken had met “nazi’s”, bereikte zijn retoriek vandaag een nieuw hoogtepunt door min of meer uitdrukkelijk met geweld te dreigen. “Als Europa zo doorgaat, kunnen Europeanen over de hele wereld niet meer veilig over straat”, aldus de Turkse leider.

Marteling en verkrachting

Erdogan voelt zich gerechtigd tot dergelijke uitspraken omdat Europa volgens hem grondrechten met voeten treedt. “Wij, als Turkije, roepen Europa op om de mensenrechten en democratie te respecteren”, aldus de Turkse president. Dat is behoorlijk onbeschaamd, gezien Erdogans eigen bedroevende staat van dienst. Vooral sinds de verhinderde coup van het Turkse leger op 15 juli 2016, is er sprake van massale schending van mensenrechten en persvrijheid. Tienduizenden mensen zijn gearresteerd. Volgens Amnesty International is er onder het regime Erdogan volop sprake van marteling en verkrachting van gevangenen. Ook wil hij de doodstraf herinvoeren. Rechters, leraren en ambtenaren die het regime onwelgevallig waren, zijn in groten getale ontslagen. Talloze journalisten zijn in de gevangenis gegooid.

Dubbel paspoort

Erdogans tactiek is duidelijk. Hij wil de aandacht afleiden van zijn eigen mensrechtenschendingen en dictatuur, als ook van zijn pogingen die te versterken. Daarom gaat hij zelf in de aanval. Omdat hij in eigen land nauwelijks nog weersproken wordt, durft hij daarbij de wereld op zijn kop te zetten keren door het ijskoud voor stellen alsof Turkije het slachtoffer is van Europese “nazi’s”, waardoor de miljoenen Turken in Europa gegijzeld worden. Die hebben veelal een dubbel paspoort, want Turkije laat zijn onderdanen ook na emigratie niet los. Erdogan noemt alles fascisme wat hem daarin hindert. Hij wil onder hen ongehinderd campagne kunnen voeren voor het referendum van 16 april. Dat over een nieuwe Turkse grondwet, die zijn macht nog veel groter moet maken.

Dubbel gemak

Het bizarre gedrag van de Turkse president lijkt niet erg productief, maar dat beeld verandert wellicht als je bedenkt dat het niet zozeer tegen Europa als tot de Europese Turken is gericht. Bij hen wil Erdogan effect sorteren. Hen wil hij opruien en opzetten tegen het land waar ze wonen. Hij wil op 16 april de stem hebben van elke Turk met een dubbel paspoort. Zo biedt het Turks nationalisme aan Erdogan een welkom handvat tot manipulatie in gastlanden, die zelf de liefde voor het vaderland verdacht maken en in de ban gedaan hebben. Dat alles levert voor de Turkse dictator een dubbel gemak op. Hij heeft er alle voordeel bij nog even door te razen. Of het voor de maatschappelijke vrede in ons eigen land zo goed is, of in het werkelijke belang van de Turken in Europa, daar ligt de machtswellusteling in Ankara natuurlijk niet wakker van. (Tibeert)

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Ons antwoord op Erdogan: meer kinderbijslag voor Nederlanders

Erdogan maakt weer stampij. De dictator heeft Turken in Europa opgedragen “niet drie, maar vijf kinderen” te krijgen. De Turken noemt hij “de toekomst van Europa.” Erdogan streeft openlijk naar de vervanging van autochtone Europeanen met Turken. Dit is dus de “homeopathische verdunning van de Nederlandse bevolking” waarover Thierry Baudet spreekt.

Dwaas gelijkheidsdenken

Op rechts wordt gereageerd met allerlei voorstellen om het Turks voortplantingsimperialisme een hak te zetten. Bijvoorbeeld het afschaffen van de kinderbijslag. Terwijl het probleem niet de kinderbijslag is maar de allochtonen die er misbruik van maken. Als je de kinderbijslag afschaft, dan tref je ook autochtone Nederlandse gezinnen met vier, vijf of zelfs meer kinderen. Zij krijgen de rekening van het dwaze gelijkheidsdenken, dat iedereen – autochtoon en allochtoon – over één kam scheert. Terwijl de autochtone grote gezinnen juist de toekomst van Nederland zijn.

Meer kinderbijslag

Want laten we duidelijk zijn: autochtone Nederlanders moeten veel meer kinderen krijgen. Een paar krijgt in ons land gemiddeld 1,66 kinderen. En in dat cijfer zitten ook de Turken en Marokkanen met vijf, zes kinderen! 1,66 kinderen per paar – reken maar uit. Daarmee houd je geen bevolking in stand. Daarmee steven je af op het regelrecht uitsterven van de Nederlandse bevolking. Om tenminste je bevolking in stand te houden moet een paar gemiddeld 2,1 kinderen hebben. Flink meer dan paren momenteel hebben. Daarom moeten we autochtone Nederlanders met meer dan twee kinderen juist belonen met meer kinderbijslag.

Russisch succes

We zouden niet de eersten zijn. Rusland beloont paren meer en meer voor het krijgen van kinderen. Wie zeven of meer kinderen heeft, krijgt een medaille uit handen van president Poetin. Een Russische provincie verlaagt je hypotheek met 10% voor elk kind dat je krijgt. Met het vierde kind wordt heel je hypotheekschuld kwijtgescholden. Het effect: Rusland is van 1,16 kinderen per paar in 1999 gegaan naar 1,71 in 2013.

Het goede voorbeeld: een gezin met acht kinderen uit onze Gouden Eeuw.

Kindervriendelijke cultuur

Willen we toekomst voor ons land en geen kolonie van Turkije worden, dan moeten we een kindervriendelijke cultuur koesteren. Een cultuur die een rijke kinderschare hoger schat dan kantoorslavernij. Laten we hier een voorbeeld namen aan Urk. Daar krijgen paren gemiddeld 2,6 kinderen. Dat schept toekomstperspectief. Dus: maak Nederland niet Turkser, maar Urkser! (Godfried)

 

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Nederlanders stemmen voor eigen cultuur

Een supporter van Cultuur onder Vuur plaatste langs de weg enige borden om medekiezers eraan te herinneren wat het belangrijkste is: het behoud van Nederland.


Hij voegde er voor de verkiezingen van 15 maart wel een waarschuwing aan toe. Er zijn namelijk partijtjes die eerder het belang van een ander land op het oog lijken te hebben:

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Hoofddoekje? Weg ermee!

Bij een publieke dienst hoort een neutrale verschijning. Daarom is het islamitische hoofddoekje (een totalitair symbool, dat vooruitwijst naar de invoering van de sharia en de islamitische staat, met alle wreedheden van dien) door het Europees Hof van Justitie terecht ‘verbiedbaar’ gemaakt voor werkgevers.

Bedrijfsreglement

Enerzijds is zo een drempel opgeworpen tegen verdere islamisering. Anderzijds moeten andere godsdiensten, die bij Europa horen en wel respect hebben voor andere overtuigingen, zoals jodendom en christendom, er ook onder lijden. Volgens het Europees Hof moet een verbod namelijk gebaseerd zijn op een bedrijfsreglement waarin de onderneming het zichtbaar dragen van alle politieke, filosofische of religieuze tekens verbiedt.

 

 

D66-rechters

Hoe het ook valt toe te juichen dat tegen islamisering een dam wordt opgeworpen, het Hof van Justitie spant het paard achter de wagen als het denkt daarom de secularisering te moeten bevorderen. Puur seculiere regimes zijn zo mogelijk nog onverdraagzamer en mensverachtender dan islamitische. Modieuze bejubelaars van de Verlichting zijn snel geneigd dat te vergeten. Denk eens aan de terreur van de Franse revolutie met zijn genocides in de Vendée en Bretagne, denk eens aan het nazisme en communisme, Hitler, Stalin, Mao en Pol Pot, en al die andere producten van de westerse Verlichting, die de christelijke waarden uitschakelden en er voor hun seculiere, ja zelfs ‘wetenschappelijke’ samenleving geen been in zagen ver over de honderd miljoen mensen over de kling te jagen. Nee, waar het op aan komt is de de machtswil van de islam in te tomen zonder dat dit ten koste gaat van de eigen christelijke identiteit van ons land. Maar daar zullen D66-rechters niet aan willen.

Neutraliteit

De zaak voor het hoofddoekverbod was aan het rollen gegaan door een Belgische moslima die als receptioniste werkte bij een onderneming. Samira Achbita werd in 2006 ontslagen toen ze na drie jaar in dienst opeens een hoofddoek ging dragen. Haar werkgever stelde echter neutraliteit op prijs en was daarom van haar islamisering niet gediend.

Volkomen redelijk

Amnesty International blijkt helaas opnieuw een foute linkse club, die onder mom van bescherming van de mensenrechten in feite het islamiseringproces bevordert. Het hekelt nu het Hof van Justitie, omdat dit aan werkgevers de ruimte gegeven zou hebben om te discrimineren. Maar mevrouw Achbita was toch gewoon in dienst? Zij was toch zelf degene die de arbeidssituatie veranderde door met haar hoofddoekje de neutrale uitstraling van het bedrijf aan te tasten? Het is toch volkomen redelijk van een werkgever in zo’n geval de werknemer voor de keus te stellen: doekje af of opkrassen? Dat zouden we in heel Nederland moeten doen.

Islamitische Staat

Het Europees Netwerk tegen Racisme (ENAR), ook al zo’n heulende club, spreekt volgens De Telegraaf van een “serieuze ondermijning” van het recht van vrouwen op gelijkheid en non-discriminatie en van “een extreem zorgwekkend besluit”. Laten ze eens op excursie gaan naar Islamitische Staat. Daar is de rol van Amnesty International en ENAR overgenomen door de religieuze politie, en worden vrouwen die géén hoofddoekje dragen opgepakt en wreed terechtgesteld. Laat Amnesty International zich daar liever druk over maken. (Tibeert)

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Turks realisme tegenover Rutte’s opportunistische ‘rechte rug’

In Nederland wonen ver over de 400.000 Turken. Daar staat slechts een onnozel legertje van 48.000 militairen tegenover. Dit merkte een Turkse krant dit weekeinde op. Grote verontwaardiging in Nederland. Maar waarom eigenlijk? De Turken zijn gewoon realistischer dan wij: wanneer je maar genoeg buitenlanders binnenlaat, die je bovendien alle rechten geeft, dan ben je op een gegeven moment inderdaad geen baas meer in eigen land. Deze elementaire logica begrijpen Turken, maar ontgaat blijkbaar onze elite. Dit weekeinde zijn ze er opeens aan herinnerd.

En kijk: opeens blijkt premier Rutte over een ‘recht rug’ te beschikken, die kennelijk op afroep beschikbaar is. Hij laat de Turkse minister die hier ‘onze’ Turken komt opruien, wegsturen. Prima, maar waar was die rechte rug van Rutte bij de onderhandelingsgesprekken over de Turkse toetreding en het tegenhouden van vluchtelingen? Rutte, wakker geschrokken door de confrontatie in Rotterdam, begrijpt nog maar één ding: hij mag op dit moment niet onderdoen voor Geert Wilders. En dat snappen ook alle andere partijen die – met kilo’s boter op het hoofd – de ‘rechte rug’ van de minister-president steunen. Maar hoe lang duurt dit opportunisme? Tot aan 15 maart? (Tibeert)

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Nederland. Hoe dacht Johan Huizinga erover?

De vrolijk wapperende nationale driekleur. Onze molens, tulpen, draaiorgels en carillons. Het koffiedrinken om elf uur. De blonde duinen en stranden. Kippenvel bij het Wilhelmus in het stadion. De meeste Nederlanders hebben wel een beeld bij ‘Nederland’. Toch zullen er markante verschillen zijn tussen mensen die in de jaren vijftig of eerder zijn geboren en wie van later dateren. Iedereen is het erover eens dat in de jaren zestig in westerse landen een proces op gang kwam dat ook ons land veranderde. Niet alleen materieel en uiterlijk, maar ook geestelijk.

Wie op zoek gaat naar de Nederlandse identiteit, loopt tegen het probleem van die verandering aan. Die ontneemt ons als het ware het zicht op wie we werkelijk waren en wellicht nog steeds zijn.

Heropvoeders

Die omslag werd veroorzaakt door het samenvallen van een aantal zaken. Op de eerste plaats kwam in de jaren zestig de economie op stoom. Er vond een ongekende stijging van de welvaart plaats, die brede lagen van de bevolking omvatte. Het massa-onderwijs maakte de vanouds behoudende en burgerlijke bevolking ontvankelijker voor de nieuwe massamedia, zoals de televisie. Onder invloed van de zich verbreidende linkse ideologie gingen die zich als heropvoeders van het volk zien. Er vormde zich bovendien een speciale, links georiënteerde cultuur voor jongeren van popmuziek, drugsgebruik en een losse seksuele moraal. Weinigen wisten daaraan te ontsnappen.

De pil

De lossere seksuele moraal werd sterk in de hand gewerkt door de uitvinding en snelle verspreiding van ‘de pil’, met ook alle demografische en culturele gevolgen van dien. Het traditionele huwelijk en gezin kwamen onder druk te staan. Echtscheiding werd in de wet vergemakkelijkt en abortus en euthanasie werden gelegaliseerd. Ontwikkelingen die niet uniek waren voor Nederland, maar die zijn verzuilde samenleving en demografie als een sloopkogel troffen.

Hoofddoekje

Terwijl Nederland zich altijd als een overbevolkt emigratie-land had gezien, kwam bovendien een immigratiestroom op gang. Door de teruglopende bevolkingsgroei als gevolg van pil en verminderde huwelijkszekerheid kreeg immigratie van goedkope arbeidskrachten in Nederland, hoewel aanvankelijke puur economisch gemotiveerd, een oppervlakkige demografische plausibiliteit als ‘aanvullende’ bevolking. In latere decennia zou het eerste stroom gastarbeiders zich – onder andere via gezinshereniging – verwijden tot massa-immigratie die het straatbeeld in Nederland onherkenbaar zou veranderen. De immigranten hadden een ander uiterlijk, waren vaak islamitisch en, waar het hun kernwaarden betrof, niet van plan zich aan Nederland aan te passen. Het hoofddoekje is het symbool van deze uitdagende niet-aanpassing.

Willem Drees

De allochtonen werden in deze houding aangemoedigd door links Nederland dat hen als een nieuwe achterban verwelkomde, toen de Nederlandse arbeidersklasse wegliep naar andere, veelal rechtsere partijen. Een opmerkelijk gegeven is dat bij alle partijen hoog aangeschreven socialistische voorman en premier Willem Drees (1886-1988) in de jaren zeventig als hoogbejaard oud- politicus demonstratief de Partij van de Arbeid verliet, omdat hij het aanmoedigen van immigratie niet in het belang van Nederland vond.

Johan Huizinga

Voor wie alleen naar het Nederland en zijn cultuur van nu kijkt, valt het na alle veranderingen niet meer mee er de essentie van te bepalen. Daarvoor zijn de veranderingen en gelijkschakelingen van de laatste decennia te ingrijpend geweest. Daarom is het goed hierover bij een van Nederlandse belangrijkste historici te rade te gaan, Johan Huizinga. In de politiek tumultueuze jaren dertig hield hij een rede die hij later uitwerkte tot een klassiek boek Nederlands geestesmerk (1934).

Vrijheid

In die jaren waarin rondom ons een heerszuchtig nationalisme opkwam, wees Huizinga erop dat Nederland door zijn historische wording de vrijheid als kernwaarde heeft. Dat is iets om trots op te zijn. Dit vrijheidsbesef wortelt in de middeleeuwen. Denk daar niet lichtvaardig over, aldus Huizinga: “De meeste staten van Europa hebben hun vorming te danken aan een beginsel van heerschappij. Er zijn er maar enkele, die aan een strijd om vrijheid hun bestaan en hun wezen danken. Een ervan is Nederland. Vrijheid, hoe eng ook verstaan, is de gist van onze natie geweest. Laat Nederland met het kostbaar erfgoed van vrijheid voorzichtig zijn.”

Eigen taal koesteren

Essentieel voor de vorming van de Nederlandse cultuur was de middeleeuwse vorming van een eigen taal. Pas als je die hebt, kun je vanuit je eigenheid vreemde invloeden goed verwerken. Huizinga: “Die mogelijkheid tot gelijkmatige verwerking van verschillende vreemde culturen berust bovenal op ons bezit van een eigen taal.” Ook al is dat soms een handicap om onze eigen boodschap te verspreiden, onze eigen taal “houdt ons onpartijdig, zij geeft ons een eigen spiegel, om het vreemde in op te vangen.” We moeten onze eigen taal dus koesteren, zonder in overdreven purisme te vervallen. Vreemde woorden kunnen er ook hun plaats in krijgen, als dat zinvol is. “Houd het Nederlands zo, dat het goed Nederlands en tevens zo internationaal mogelijk is.”

Middeleeuwse vrijheden

In de zestiende en zeventiende eeuw ontwikkelt Nederland zich tot een zelfstandige staat. “Zoo wonderbaarlijk als het ontstaan van dien staat, zoo vreemd was zijn aard en zoo verbijsterend zijn wasdom”, aldus Huizinga. “In de eeuw, waarin bijna overal het absolutisme troef is, waarin de regeringen, waar zij kunnen, de oude middeleeuwse vrijheden opruimen, om er een straf regeringsstelsel van bovenaf voor in de plaats te stellen, leverde de Nederlandse staat het bewijs, dat ook op die verouderden grondslag van particuliere vrijheid en zelfstandigheid der onderdelen nog te bouwen viel.”

Gelijkgestemdheid

Nederland ontworstelde zich aan Spanje, maar ging daarmee door op zijn eigen weg. Het leidde tot de fameuze Gouden Eeuw: “In de vrije Nederlanden trok zich, voor den tijd van ongeveer een eeuw, als ’t ware alles samen, wat in het Europa der zeventiende eeuw hoge beschaving betekende”, aldus Huizinga. Wat volgde was een proces van geleidelijke “gelijkgestemdheid” van wat nu Nederland is. Dat grondgebied was doormidden gebroken, en Holland benutte de zuidelijke katholieke provincies als buffergebied zonder zelfbestuur: de generaliteitslanden. Toch zou het zich ontwikkelende nationale besef zich ten slotte ook tot die provincies uitbreiden.

Westelijkheid

“Een wonderlijk lotsbestel heeft ons volk, gescheiden van de oorspronkelijken stam, tot een edel deel van West-Europa gemaakt”, meende Huizinga in 1934. “Over Delfzijl en Vaals loopt de grens tussen West- en Middel-Europa. In onze westelijkheid ligt onze kracht en de reden van ons bestaan. Wij horen aan de Atlantische kant. Ons zwaartepunt ligt op en over zee. Ons gezelschap is dat der Westelijke volken.”

Minaretten en koepeltjes

Huizinga kon weinig vermoeden dat slechts enkele decennia later een migratiestroom van niet-westerse allochtonen naar Nederland op gang zou komen. De nationale ‘gelijkgestemdheid’ zou steeds meer verstoord raken. Dat minaretten en koepeltjes van moskeeën deel zouden gaan uitmaken van de skyline van Nederlandse steden, had voor de jaren zestig niemand voor mogelijk gehouden.

Vrijheidstraditie bedreigd

Maar ook lange tijd daarna is het wensdenken blijven heersen dat de nieuwkomers zich geleidelijk bij de Nederlandse “gelijkgestemdheid” zouden aansluiten. Gezien het feit dat volgens onderzoek inmiddels al twee derde van de Nederlanders vindt dat de nationale identiteit onder druk staat, is daar weinig van terecht gekomen. Daaruit volgt logisch dat ook de Nederlandse vrijheidstraditie en cultuur, die zich vanaf de middeleeuwen in onze streken gevormd hebben, worden bedreigd. Laten we daarom Huizinga’s waarschuwing ter harte nemen: “Laat Nederland met het kostbaar erfgoed van vrijheid voorzichtig zijn.”

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Kerk & massa-immigratie: een pijnlijke geschiedenis

 

“Immigratie vormt geen ‘kans’, maar een grote bedreiging voor Europa. De instroom van miljoenen en miljoenen islamitische immigranten is desastreus voor het karakter van onze cultuur. Waarom hebben de pausen dat de afgelopen decennia niet ingezien? Die stemmen gaan nu ook op binnen de katholieke Kerk? Het wordt tijd dat die zich herpakt en haar verantwoordelijkheid voor de Europese volkeren neemt, vind Laurent Dandrieu.

 

 

Paus Franciscus lijkt van alle pausen de kroon te spannen als het gaat om het aanprijzen van immigranten en immigratie. Toch is uitgerekend hij degene die – zij het pas in tweede instantie – onder druk van de immense migrantenstroom uit het Midden-Oosten en Afrika een duidelijke reserve inbouwde. Op de terugweg van Zweden merkte hij op dat landen niet meer migranten moesten opnemen dan ze aankonden, anders zou dat maar tot “gettoïsering” leiden.

Politieke dimensie

De wereldvreemde houding van de Kerk inzake immigratie bezorgt meer verstandige gelovigen al decennialang kromme tenen. Immigratie kan in bepaalde gevallen verrijkend zijn, maar wanneer die te omvangrijk wordt, wordt het een evidente bedreiging voor de ontvangende samenleving. Het is de taak van pausen om mensen tot christelijke deugden aan te sporen. Gastvrijheid en hulp aan de naaste, ook al is hij vreemdeling, horen daar zeker bij. Maar immigratie heeft ook een politieke dimensie, die de Kerk al decennialang over het hoofd wenst te zien.

Geen oorvijgen

De Franse journalist Laurent Dandrieu heeft dit onderwerp bij de horens gevat in het boek Église et immigration : le grand malaise (‘De Kerk en de immigratie: het grote ongemak’) met als ondertitel Le pape et le suicide de la civilisation européenne (‘De paus en de zelfmoord van de Europese beschaving’). Dandrieu is niet antikerkelijk. Integendeel, hij is een overtuigd katholiek, maar juist als zodanig voelt hij zich gerechtigd het pausdom te bevragen op zijn houding tegenover immigratie. “Ik ben er niet op uit oorvijgen uit te delen, zeker niet aan mijn Kerk”, zegt hij in een interview op Breizh-info. ‘Ik wil haar slechts wekken uit een soort weldenkende versufdheid.’ (‘weldenkend’ heeft in het Frans de ironische bijklank gekregen van politiek-correct wensdenken).

Tijdgeest

Wanneer is de Kerk aan dit religieus gekleurde wensdenken over immigratie gaan lijden? In de teksten van paus Pius XII is nog balans te vinden, maar vanaf Johannes XXIII, de paus van het Tweede Vaticaans Concilie, staan de pausen niet meer met beide benen op de grond. Paulus VI, Johannes Paulus II en zelfs Benedictus XVI vertonen een duidelijk neiging op dit punt met de tijdgeest mee te gaan. Vooral bij de Poolse paus Johannes Paulus II treft dit, omdat die zich van de morele en geestelijke betekenis van een vaderland zeer diep bewust was, en daarover geregeld uitweidde. Dat dit op gespannen voet stond met zijn gelijktijdige ‘heiligverklaring’ van immigratie lijkt niet tot hem te zijn doorgedrongen. Ook Benedictus XVI vestigde in 2006 met zijn Regensburger rede wel de aandacht op de problematische kanten van de islam, maar op leerstellig niveau was van een grotere reserve en meer realisme over immigratie weinig te merken.

Voorkeursoptie

De Kerk is zich vanaf de jaren zestig gaan wentelen in de “utopie van een gelukkige globalisering”, zegt Dandrieu. “Zij had het gevoel dat de migraties de voorhoede waren van een nieuwe mensheid, van een stad zonder grenzen, een voorafbeelding van het hemelse Jeruzalem. De messianistische visie van de migrantenstromen heeft zich verbonden met een soort overdracht op hen van ‘de voorkeursoptie voor de armen’, die de Kerk eigen is. Dit leidde ertoe dat zij haar aandacht uitsluitend nog ging geven aan het lot van de migranten, ten koste van de volken uit de gastlanden, en in het bijzonder de Europese volken.”

Onprettige ervaringen

Het “recht” van de migrant daarheen te gaan “waar de omstandigheden van het leven gunstiger zijn” werd vooropgesteld, aldus Dandrieu, en bovendien verbonden met een argeloze visie op de islam, waarvan de Kerk de risico’s en onverzoenbaarheid met judeo-christelijke waarden systematisch en structureel is gaan bagatelliseren. Dit terwijl de Kerk toch genoeg onprettige historische ervaringen met de islam heeft. Men denke slechts aan de kruistochten, die erop gericht waren de veroveringen en andere agressies van de islam in het voorheen christelijke Midden-Oosten in te tomen. In 1571 bedreigde de Turkse islam het voortbestaan van Europa. Op aandringen van paus Pius V bundelde Europa zijn krachten en sloeg met de zeeslag bij Lepanto de islam terug. Daarom vraagt Dandrieu zich nu af: “Wat is er gebeurd van Lepanto tot Lesbos?”

Trouwste schapen

Lesbos was immers het Griekse eiland waarvandaan Franciscus islamitische immigranten meenam, terwijl hij de christelijke welhaast demonstratief achterliet. Het scherpste verwijt dat men de huidige Kerk kan maken is dat zij de waarschuwingen voor de islam van de ervaringsdeskundige christenen in het Midden-Oosten in de wind heeft geslagen. Dat is niet alleen dom van Rome geweest, maar ook trouweloos tegenover haar trouwste schapen die zich eeuwenlang tegen de verdrukking in hebben weten te handhaven in de streken waar het christendom vandaan komt.

Koude Oorlog

Om kort te gaan: volgens Dandrieu is de Kerk sinds de jaren zestig tot een globaliserend wensdenken vervallen, dat haar uitgewogen leer over de natie heeft doen vergeten. Dat jaren-zestigdenken wordt op dit moment door paus Franciscus alleen maar verder opgevoerd. Terwijl de gruwelijkheden van de radicale islam haast dagelijks het nieuws halen, houdt Franciscus vol dat islamitisch terrorisme niet bestaat. Dandrieu wijst op de parallel met de periode van de Koude Oorlog. Ook in die periode begon het Vaticaan een politiek van ontspanning en dialoog met het communisme, ondanks de vervolgingen, ondanks de Goelag Archipel en ondanks waarschuwingen van de ‘zwijgende Kerk’ in het oosten die als martelaar aan gene zijde van het IJzeren Gordijn het communisme heel wat beter kende dan West-Europese bisschoppen. Zou zich dat gaan herhalen met de christenen in het Midden-Oosten?

Optimistisch

Blijft de Kerk de liefde voor de naaste ondergeschikt maken aan die voor de verste, zoals Dandrieu zegt? Wordt de christelijke naastenliefde verruild voor kwezelachtige ‘verstenliefde’? Of herpakt de Kerk zich, en begrijpt zij bijtijds dat zij ook een verantwoordelijkheid heeft voor de Europese volken? Die voelen zich steeds meer verweesd en vreemdeling in eigen land. Ondanks zijn vernietigende analyse blijft Dandrieu optimistisch. God zal zijn Kerk op een gegeven moment zelf bijsturen. Maar dat neemt niet weg dat alle gelovigen moeten helpen de Kerk te wekken uit haar versuffing. Want dat zal niet vanzelf gebeuren. Dandrieu citeert Jeanne d’Arc die zei: “Gewapende mannen voeren de strijd, en God schenkt de overwinning.”

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Linkse dominees, wees blij met cultuurchristendom!

Nederland was nog nooit zo seculier, toch is de christelijke cultuur inzet geworden van de Tweede Kamerverkiezingen. Vijfentwintig prominente christenen tekenen daartegen protest aan. ‘De christelijke cultuur kun je onmogelijk mobiliseren als politieke kracht’, stellen de christelijke leiders in een petitie.

Absolute plicht

Vreemde woorden, zo uit de mond van christenen als Janneke Stegeman, Alain Verheij en Rikko Voorberg. Juist zij hebben afgelopen jaren schaamteloos het christendom voor het karretje van de open grenzen gespannen. Het Nederlandse volk is in niet mis te verstane bewoording duidelijk gemaakt dat het vanuit de christelijke cultuur toch echt een absolute plicht is om migranten gastvrij te ontvangen.

Multiculturele elites

Onze vijfentwintig prominente christenen lopen intellectueel wat achter. In Frankrijk heeft Laurent Dandrieu deze maand de discussie geopend over de eenzijdigheid van de kerk inzake het emigratiedebat. In zijn boek L’Eglise et immigration. Le grand malaise stel hij aan de kaak hoezeer de kerk zich opgesloten heeft in de geest van de wereld, in de Zeitgeist. Net als de multiculturele elites offert de kerk “de naaste op aan de verste”. De logica van het evangelie is verwisseld met die van de kritiekloze verwelkoming en door een zorgeloosheid over de gevolgen daarvan. Met als gevolg onder andere de terroristische aanslag in Parijs, waarvan de daders deels met de migratiestroom waren meegelift.

Binnenstromende vreemdelingen

De zinnigheid van enige scepsis tegenover de ideologie van de verwelkoming blijft petitieopsteller Alain Verheij blijkbaar ontgaan. Zijn inclusiviteit reserveert hij intussen voor binnenstromende vreemdelingen.  In september 2016 verklaarde hij op Twitter althans geen PVV-stemmers in de kerk te willen als hij preekt, ‘want ik hoef die fascisten niet onder mijn gehoor’. PVV-stemmers zijn van ‘een menstype dat zich allesbehalve comfortabel zal voelen als Jezus in de buurt is’.

Open voor iedereen

Een directere toe-eigening en monopolisering van Jezus’ boodschap is er niet. Hier wordt helder gesteld dat het evangelie onverenigbaar is met de afwijzing van islam en massa-immigratie. Dezelfde Verheij stelt in zijn petitie dat het christendom ‘open’ is. Open voor iedereen behalve mensen die het christendom anders beleven dan Alain Verheij.

Politiek gedram

Menig ondertekenaar doet ook beleidsvoorstellen, in hoedanigheid als christelijk leider. Dominee Rikko Voorberg riep recent politici op migranten uit Griekenland over te halen. Of je daar nu voor of tegen bent, je kunt niet ontkennen dat hier politici duidelijke instructies gegeven wordt. In politiek gedram doet Voorberg niet onder voor de rode dominees en priesters uit de tijd van Aantjes’ Bergrede.

Geen christelijke staatsleer

Het protest wordt gevoerd vanuit het idee dat christendom juist voor het verwelkomen van de vreemdeling is. Daar staat de kerk inderdaad voor, al sinds de eerste christenen. Maar dat is naastenliefde voor de individuele christen en geen politiek standpunt, laat staan christelijke staatsleer. De christelijke traditie heeft echter nooit het verwelkomen van zondaars in de kerk geprojecteerd op de wereld door een politiek te prediken van het verwelkomen van buitenlanders.

Desastreus

De christelijke traditie leert dat kerk en wereld twee domeinen zijn, verbonden maar wel met eigen karakter. Wat in de kerkgemeenschap wellicht werkt, bijvoorbeeld gedeeld eigendom, kan in de volksgemeenschap desastreus zijn. Vandaar dat de kerk altijd terughoudend is geweest met politici vertellen welk beleid zij moeten voeren.

Wereldgemeenschap

Tot de jaren 1960. Toen is de geest gevaren in het christendom, dezelfde geest als in het protest van Verheij c.s. te zien is. ‘In Christus is er Jood noch Griek’ gold opeens niet meer voor slechts de kerk, maar voor heel de wereld: op naar wereldgemeenschap! Wie in deze geest spreekt, zoals Verheij c.s., is medeschuldig aan het politiseren van het christendom. Wie christendom inzet om linkse politiek te propageren, moet niet klagen als hij een flinke rechtse krijgt.

Kapseizen

Hier een flinke rechtse: een christelijke cultuur is open voor de afzonderlijke mens, maar niet voor volkstammen die massaal op zoek zijn naar een beter leven. Want een cultuur is alleen solide als het overgedragen wordt door generaties. Je bent niet volledig ondergedompeld in die cultuur als je voorouders van elders komen. Toen ik als Nederlandse katholiek in België woonde, wist ik al snel: de hele devotie tot Onze-Lieve-Vrouwe van Vlaanderen zal nooit zo bezielen bij mij als bij mijn Vlaamse medegelovigen. Als er niet teveel immigranten tegelijk zijn, kunnen zij acclimatiseren. Als het er teveel worden, kan die samenleving kapseizen en ten onder gaan.

Meewerken aan vervaging

Als je echt de christelijke cultuur voorstaat, dan moet je trots zijn op je nationale variant. Die afschermen tegen eroderende invloeden van buitenaf is dan een plicht. Christelijke leiders doen er daarom beter aan op te roepen tot het inperken en beheersen van (islamitische) immigratie in plaats van mee te werken aan de vervaging van de nationale christelijke cultuur die resteert.

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!

Wat zegt Sint-Thomas van Aquino, middeleeuws theoloog, over immigratie?

De Nederlandse cultuur is sterk gevormd door het christendom. Nu wordt onze cultuur bedreigd door immigratie van voornamelijk islamieten. Veel mensen beweren dat de christelijke traditie voorschrijft dat je immigranten moet opnemen in je samenleving. Dat is een groot misverstand. Wie de grote christelijke denker Sint Thomas van Aquino leest, ziet dat de christelijke traditie waar Nederland op gebouwd is juist streng waarschuwt tegen teveel immigratie. Daarom een artikel over Sint Thomas’ kijk op immigratie van de Amerikaan John Horvat

In het immigratiedebat wordt bijna klakkeloos aangenomen dat de opvatting van de katholieke Kerk hierover onvoorwaardelijke liefdadigheid is jegens wie de natie binnenkomen, legaal of illegaal.

Maar is dat wel zo? Wat zegt de Bijbel over immigratie? Wat zeggen de Kerkleraren en theologen erover? Wat zegt met name de grootste Kerkleraar, Sint Thomas van Aquino, over immigratie? Geeft zijn mening nieuwe inzichten in de brandende kwesties die het land nu in hun greep houden en de nationale grenzen doen vervagen.

Immigratie is een modern probleem en dus zou je kunnen denken dat de middeleeuwse heilige Thomas geen mening over het probleem heeft. Toch wel. Je hoeft alleen maar te kijken naar zijn meesterwerk, de Summa Theologica, in het tweede deel van het eerste deel, vraag 105, artikel 3 (I-II Q.105, Art. 2). Daar vind je zijn analyse, op Bijbelse inzichten gebaseerd, die kan bijdragen aan het nationale debat. Ze zijn geheel toepasbaar op het heden.

Sint Thomas: “De betrekkingen van de mens met vreemdelingen zijn tweevoudig: vreedzaam en vijandig: en in het regelen van beide soorten betrekkingen had de Wet geschikte voorschriften.”

Commentaar:  Met deze bewering bevestigt Sint Thomas dat niet alle vreemdelingen gelijk zijn. Elke natie heeft het recht te beslissen welke immigranten gunstig zijn – dat wil zeggen ‘vreedzaam’ – voor het gemeenschappelijk goede. Vanuit een oogpunt van zelfverdediging kan de Staat die criminele elementen, verraders en anderen uitsluiten die hij als schadelijk of “vijandig” voor zijn burgers beoordeelt.

Ten tweede bevestigt hij dat de manier van omgaan met immigratie wordt bepaald door de wet, zowel in geval van gunstige als ‘vijandige’ immigratie. De staat heeft het recht en de plicht de wet toe te passen.

Sint Thomas: “Want de Joden werden drie mogelijkheden van vreedzame betrekkingen met vreemdelingen geboden. Ten eerste, als vreemdelingen als reiziger door hun land trokken. Ten tweede, als zij kwamen om zich als nieuwkomer in het land te vestigen. En in deze beide opzichten was de Wet tegemoetkomend in zijn geboden: want het staat geschreven (Exodus 22:21) ‘Gij zult geen vreemdeling krenken [advenam]’ en opnieuw (Exodus 22:9): ‘Gij zult een vreemdeling niet deren [peregrino].’”

Miljoenen migranten dringen Europa binnen. Hun cultuur en geloof wijkt zeer af van de onze. Zulke massa-immigratie leidt tot desintegratie van de samenleving. 

Commentaar: Hier erkent Sint Thomas het feit dat anderen het land zullen willen bezoeken of zelfs enige tijd in het land verblijven. Dergelijke vreemdelingen verdienen behandeld te worden met de liefdadigheid, het respect en de hoffelijkheid, die verschuldigd zijn aan elke mens van goede wil. In deze gevallen kan en moet de wet vreemdelingen beschermen tegen slechte behandeling en lichamelijke mishandeling.

Sint Thomas: “Ten derde, als vreemdelingen geheel toegelaten wensen te worden tot hun gezelschap en godsdienst. Met betrekking daartoe werd een zekere volgorde in acht genomen. Want ze werden niet zomaar toegelaten tot het burgerschap: net zoals het voor sommige naties wet was dat iemand pas na twee of drie generaties als burger beschouwd werd, zoals de Filosoof zei (Polit. Iii,1).”  

Commentaar: Sint Thomas erkent dat sommige mensen zullen willen blijven en burger worden van het land dat ze bezoeken. Hij stelt echter als eerste voorwaarde dat ze ernaar verlangen om volledig geïntegreerd te worden in wat vandaag als de cultuur en het leven van de natie beschouwd zouden worden.

Een tweede voorwaarde is dat het verlenen van burgerschap niet op stel en sprong zou zijn. Het integratieproces vraagt tijd. Mensen moeten zich aanpassen aan de natie. Hij haalt de filosoof Aristoteles aan die stelt dat het proces geacht werd twee of drie generaties te beslaan. Sint Thomas geeft zelf geen tijdpad voor deze integratie, maar hij erkent dat het een lange tijd kan vergen.

Sint Thomas: “De reden hiervoor was dat als vreemdelingen al zou worden toegestaan zich met de zaken van de natie te bemoeien zodra ze zich gevestigd hebben, er vele gevaren zouden kunnen opdoemen, aangezien de vreemdelingen die zich het gemeenschappelijke goed nog niet degelijk eigen hebben gemaakt, iets zouden kunnen ondernemen dat schadelijk is voor het volk.”

Commentaar: Het gezond verstand van Sint Thomas is zeker niet politiek correct, maar het is wel logisch. De theoloog merkt op dat het leven in een natie een complexe aangelegenheid is. Het vraagt tijd om de kwesties te leren kennen waar de natie mee te maken heeft. Wie de lange geschiedenis van hun natie kennen, zijn het meest geplaatst om de lange termijn-besluiten voor de toekomst ervan te nemen. Het is schadelijk en onrechtvaardig om de toekomst van een land te leggen in handen van wie juist zijn aangekomen en die, zonder dat ze daar iets aan doen kunnen, weinig idee hebben van wat in een land speelt of gespeeld heeft. Een dergelijke politiek zou kunnen leiden tot de vernietiging van de natie.

Ter illustratie van dit punt merkt Sint Thomas later op dat het Joodse volk niet alle naties gelijkelijk behandelde omdat de naties die hun nader stonden, sneller in de bevolking integreerden dan die verder van hen af stonden. Sommige vijandige volken zouden in het geheel niet moeten worden toegelaten tot het volle burgerschap, vanwege hun vijandschap jegens het Joodse volk.

Sint Thomas: “Niettemin was het mogelijk dat een man tot het burgerschap werd toegelaten vanwege een of andere goede daad: zo wordt verteld (Judith 14:6) dat Achior, de bevelhebber van de Ammonieten, “verenigd werd met het volk van Israël, met inbegrip van heel zijn nakomelingschap.”

Commentaar:  Dat wil zeggen dat de regels niet rigide waren. Er waren uitzonderingen die toegestaan werden op grond van de omstandigheden. Zulke uitzonderingen waren echter niet willekeurig, maar hadden altijd het gemeenschappelijk goede op het oog. Het voorbeeld van Achior beschrijft het burgerschap dat de bevelhebber en zijn kinderen werd toegekend omwille van de goede diensten die zij de natie hadden bewezen.

Dit zijn enkele van de gedachten van Sint Thomas van Aquino over het vraagstuk van immigratie, die op Bijbelse beginselen gebaseerd zijn. Het is duidelijk dat immigratie twee dingen in het oog moet houden: het eerste is de eenheid van de natie; en het tweede is het gemeenschappelijk goede.

Immigratie moet integratie tot doel hebben, niet desintegratie of segregatie. De immigrant moet niet alleen de voordelen wensen maar ook de verantwoordelijkheden op zich nemen die horen bij het volle lidmaatschap van de natie. Door burger te worden wordt een persoon deel van een brede familie voor de lange termijn en geen aandeelhouder in een naamloze vennootschap die alleen maar uit is op het eigenbelang van de korte termijn.

Ten tweede leert Sint Thomas dat immigratie het gemeenschappelijk goede op het oog moet hebben. Het mag een land niet vernietigen of overweldigen. Dit verklaart waarom zoveel mensen zich ongemakkelijk voelen bij massieve en buitensporige immigratie. Een dergelijk beleid roept een situatie op waarin gemeenschappelijke punten van eenheid vernietigd worden en het vermogen van de natie wordt vernietigd om nieuwe elementen organisch in een eenheidscultuur op te nemen. Het gemeenschappelijk goede wordt niet meer in aanmerking genomen.

Een evenredige immigratie is altijd een gezonde ontwikkeling geweest in een samenleving omdat het nieuw leven en nieuwe kwaliteiten in het sociale lichaam inbrengt. Maar als het die evenredigheid verliest en het doel van de staat ondermijnt, bedreigt dit het welzijn van de staat.

Als dit gebeurt, zou een natie er goed aan doen het advies van Sint Thomas van Aquino en de Bijbelse beginselen te volgen. De natie moet rechtvaardigheid en liefdadigheid jegens allen toepassen, vreemdelingen inbegrepen. Maar zij moet boven alles het gemeenschappelijk goede en de eigen eenheid veilig stellen. Zonder die kan geen land lang bestaan.

John Horvat II

 

doneerCultuur onder Vuur zet zich in voor de Nederlandse cultuur en christelijke tradities. Steun onze strijd met een gift!